Willy Wonka’s wonderbaarlijke wereld

Boeken leiden tot ontdekkingen. Ze leren of vertellen ons iets over de tijd waarin we leven of over het verleden, over anderen of onszelf, over onze cultuur of andere culturen. Sommige boeken, vaak aangeduid als klassieker, blijven ons ontroeren of beklijven, ook al zijn ze decennia of eeuwen geleden geschreven. Een favoriet sinds zijn verschijnen bij kinderen is ongetwijfeld Roald Dahls ‘Sjakie en de chocoladenfabriek’. 

De beste producent van snoepgoed en vooral chocolade is Willy Wonka. Zo vond Wonka onder meer ijs uit dat nooit smelt en kauwgom die nooit zijn smaak verliest. Rond Wonka’s fabriek hangen vele mysteries. Zo gaan er nooit werknemers binnen in de fabriek. Meer nog, de deuren van de fabriek blijven steevast dicht. Niettemin produceert Wonka’s fabriek. En hoe zit het eigenlijk met de man zelf? Het is jaren geleden dat iemand Willy Wonka zag; hij lijkt van de aardbodem verdwenen. Als Wonka een wedstrijd aankondigt waarbij de winnaars zijn fabriek kunnen bezoeken, krijgt dit uiteraard veel media-aandacht. Slechts vijf kinderen, begeleid door een volwassene, mogen de fabriek bezoeken. Ze moeten wel eerst een gouden toegangsbiljet vinden in een reep chocolade.

“Don’t argue, my dear child, please don’t argue!” cried Mr. Wonka. “It’s such a waste of precious time”

Repen chocolade zag Roald Dahl genoeg als schooljongen. Samen met zijn klasgenoten proefde hij de zoetwaren voor van chocoladeproducent Cadbury. Het nadenken over het productieproces van zoetwaren kwam hem goed van pas bij het schrijven van ‘Charlie and the chocolate factory’. Aanvankelijk dacht Roald Dahl aan vijftien kinderen. Met elk nieuw ontwerp voor ‘Charlie and the chocolate factory’ vielen er kinderen af, tot er uiteindelijk vijf overbleven. Dahl had ook nog andere invalshoeken en verhaallijnen. Zo wou hij Wonka een zoon geven en Charlie een snoepwinkel. En dacht hij aan drie boeken. Uiteindelijk werden het er twee: ‘Charlie and the chocolate factory’ (1964) en ‘Charlie and the great glass elevator’ (Sjakie en de grote glazen lift uit 1973).

Hoewel ‘Charlie and the chocolate factory’ door nogal wat uitgeverijen werd geweigerd, deed het boek het bij publicatie onmiddellijk goed. Blijkbaar vond men het toen een raar idee, dat de slechteriken in ‘Charlie and the chocolate factory’ geen monsters of volwassene waren, maar stoute kinderen. Intussen weet ‘Charlie and the chocolate factory’ nog steeds vele lezers te bekoren. Een van die lezers van Wonka’s wonderbaarlijke fabriek, met name Tim Burton verfilmde het boek in 2005. Het boek was eerder ook al verfilmd door Mel Stuart in 1971.

Trailer van de film ‘Charlie and the chocolate factory’ van Tim Burton, gebaseerd op de roman van Roald Dahl.

Bron: Wikipedia en www.roalddahl.com.

Gepubliceerd door

daniellecobbaertbe

Lezen doe ik in het Nederlands, Engels en Duits. Ik lees zowel 'echte' boeken als e-boeken en luister heel graag naar audioboeken.