Uit het archief van Boeken

uit het archief van boeken

Naast recensies schrijf ik ook andere blogs. Zo is er de rubriek ‘Fictieve helden‘, waarin ik stilsta bij een fictieve held die zijn weg vond naar de populaire cultuur. Eerder dit jaar schreef ik in deze rubriek een blog over Tom Ripley van Patricia Highsmith. Ik was toen noch met de verfilmingen noch met de serie vertrouwd. Daar is onlangs verandering in gekomen. Ik had ‘Ripley, een man van talent’ (The Talented Mr. Ripley) al een tijdje in mijn boekenkast staan en heb het nu eindelijk gelezen. Echt wild ben ik niet van het boek. Ik vond het goed, maar ik vind Tom Ripley zeker geen innemend personage. Sommige passages kwamen ongeloofwaardig over, zoals de manier waarop Ripley de hand weet te leggen op Dickie Greenleafs erfenis.

Niettemin deed Tom Ripley me denken aan Naomi Condrington uit ‘Schitterende dieren‘ van Lawrence Osborne. Beide personages zijn immoreel. Haar leer je vooral kennen via de andere personages. Terwijl je in Highsmiths roman enkel het perspectief van Ripley krijgt. ‘Schitterende dieren’ kreeg me paranoïde, wat ik met ‘Ripley, een man van talent’ niet had. Oftewel heeft Osborne me verwend met zijn schitterend boek. Oftewel ben ik sowieso verwend door andere thrillers. ‘Ripley, een man van talent’ dan maar links laten liggen? Zeker niet. Want het heeft zijn verdienste gehad in het misdaadgenre. En volgens vele staat die verdienste nog steeds als een huis.

Onlangs kocht ik een boek van een andere fictieve held, waar ik intussen al een blog over schreef: Philip Marlowe van Raymond Chandler. Allicht zal ik in Philip Marlowe overeenkomsten zien met Bernie Gunther van Philip Kerr.

Heb jij het ook al voorgehad? Dat de ene fictieve held je doet denken aan een andere?