Fictieve held: Spook van de opera

De meeste literaire helden schitteren enkel op papier. Dankzij de populaire cultuur krijgen sommige naam en faam. Zo kennen we het spook van de opera van Gaston Leroux vooral als musical- en filmster. 

PhantomOp.jpg
Lon Chaney senior en Mary Philbin in de kaskraker ‘The Phantom of the Opera’ uit 1925.

Zijn eerste stappen in de populaire cultuur zette het spook in de stille film. Van zijn allereerste stappen in ‘Das Gespenst im Opernhaus’ uit 1916 is niets bewaard gebleven. Wel bewaard gebleven is de verfilming uit 1925 van Universal Pictures. Dankzij deze film kende het spook zijn eerste ‘moment de gloire’.

Niemand minder dan Lon Chaney senior kroop toen in de huid van het spook. Lon Chaney was een karakterauteur. Zijn make-upvaardigheden leverde hem de bijnaam, the man with the thousand faces op. Promofoto’s voorafgaand aan de film mochten niet gepubliceerd worden. Chaney wou de mensen angst aanjagen. Het effect van zijn make-up schoot zijn doel niet voorbij. Veel bioscoopbezoekers gilden het uit van de angst en vielen flauw.

Geestelijke vader, Gaston Leroux zag de film hoogstwaarschijnlijk in 1926 in Parijs. Lang heeft hij niet kunnen genieten van het succes van zijn fantoom, want hij stierf in 1929 aan acuut nierfalen. Hij was 59. Naast de klassieker ‘Le Fantôme de l’Opera’ (1911) is Leroux bekend van ‘Le Mystère de la chambre jaune’. ‘Le Mystère de la chambre jaune’ was een van de eerste locked room mysteries. Het leverde de ex-journalist vergelijkingen op met Edgar Allan Poe en Sir Arthur Conan Doyle.

Ook zijn spookverhaal is mysterieus. In ‘Het spook van de opera’ probeert een verslaggever, allicht de schrijver zelf, het raadsel van het spook van de Parijse Opéra Garnier op te lossen. Het spook is eigenlijk een misvormde man, die geboren is als Erik Claudin. Erik is een muzikaal genie. Onder zijn deskundige leiding groeit koormeisje Christine uit tot een prima donna. Als ster van de Parijse opera weet Christine de liefde van haar jeugdvriend Raoul, Burggraaf van Chagny voor zich te winnen. Erik is jaloers, want hij houdt van Christine. Uiteindelijk sterft hij aan een gebroken hart. Als literaire held brak Erik aanvankelijk geen harten. Integendeel, de verkoop van ‘Le Fantôme de l’Opera’ was matig en de kritieken teleurstellend.

Eriks tweede ‘moment de gloire’ kwam in 1986 met de musical ‘The Phantom of the Opera’ van Andrew Lloyd Webber.

 

Voor dit artikel gebruikte ik verschillende internetbronnen, waaronder Wikipedia. De foto komt van Wikimedia Commons en de trailer van YouTube. 

De wraaklustige graaf

Sommige klassiekers zijn gemeengoed. Zo behoort ‘Le Comte de Monte-Cristo’ van Alexandre Dumas uit 1844 ons allen toe. 

Alexandre Dumas baseerde zijn verhaal rond de lotgevallen van Edmond Dantès op de waargebeurde geschiedenis van de Franse schoenmaker Pierre Picaud. In 1807 werd Picaud valselijk beschuldigd van spionage voor de Engelsen. Die beschuldigingen had hij te danken aan drie jaloerse vrienden. Na zijn gevangenschap kwam hij in het bezit van een schat. Belust op wraak spoorde hij zijn vrienden op om hen te laten boeten voor wat zij hem hadden aangedaan.

Edmond Dantès
Illustratie van Edmond Dantès voor de editie van 1888 door Pierre Gustave Eugene Staal.

Dumas’ hoofdpersonage Dantès verblijft veertien jaar onschuldig in château d’If, een gevangenis. Na zijn spectaculaire ontsnapping is het eiland Monte-Cristo de eerste bestemming, die hij aandoet. Hier ligt namelijk een schat. Dankzij die schat begint Edmond Dantès een nieuw leven. Bij een nieuw leven hoort een nieuwe naam en identiteit. Dantès is nu de graaf van Monte-Cristo. De nieuwbakken graaf ademt wraak. Indertijd hebben drie mannen hem belasterd. Door hen zat hij onschuldig vast. Nu is hun tijd om te lijden gekomen.

Hoogstwaarschijnlijk vond de toenmalige paus ‘De graaf van Monte-Cristo’ moreel verwerpelijk. Het boek kwam dan ook op de lijst van verboden boeken (de Index librorum prohibitorum). Bijna alle boeken van de populaire Franse schrijver waren op die lijst van verboden boeken terug te vinden. Toch deed dit geen afbreuk aan het succes van de schrijver en zijn nepgraaf. Oorspronkelijk werd ‘De graaf van Monte-Cristo’ als serie gepubliceerd in het Journal Débats. De serie liep van augustus 1844 tot januari 1846 en bestond uit achttien delen. Vanwege het immense succes volgde in 1844 al een boek van de eerste twee delen. Niet alleen Frankrijk ging plat voor de wraaklustige graaf, ook de rest van Europa volgde.

“Il faut avoir voulu mourir,
pour savoir combien
il est bon de vivre.”

In de nasleep van zijn succes engageerde Dumas de bekende architect Hyppolyte Durand. Durand bouwde Dumas’ droomhuis: le château de Monte-Cristo in Port-Marly. Naast le château de Monte-Cristo verrees ook een château d’If, of een werkruimte voor de schrijver. Hoewel Dumas een fortuin verdiende en zijn graaf furore bleef maken, moest hij in 1848 zijn kasteel, bijbehorende grond en gebouwen verkopen. De schrijver had namelijk een gat in zijn hand. De man die ons ‘De graaf van Monte-Cristo’ en ‘De drie musketiers’ gaf, stierf in bittere armoede.

Voor dit blog gebruikte ik verschillende bronnen waaronder Wikipedia.
Bron illustratie: Wikimedia Commons. 

Spotlight op:

In ‘spotlight op’ ontruk ik een boek en zijn auteur uit de vergetelheid. Vandaag staat de spotlight op: ‘The Mask of Dimitrios’ van Eric Ambler.

“The important thing to know about an assassination or an attempted assassination is not who fired the shot, but who paid for the bullet.”

Eric Ambler (1909-1998) was een invloedrijke schrijver van spionagethrillers. Zijn carrière begon in de jaren dertig en hij verwierf al snel een reputatie als een schrijver met zin voor originaliteit en diepgang. Voor vele is hij de uitvinder van de moderne politieke thriller, en voor John Le Carré is Ambler hét voorbeeld. Ook Graham Greene noemde Amblers werk een inspiratie.

Amblers hoofdpersonages waren geen professionele spionnen maar amateurs. Zij geraakten toevallig verstrikt in een wereld van revolutionairen, spionnen of criminelen. In een van zijn bekendste werken: ‘The Mask of Dimitrios’ (Het masker van Dimitrios) raakt de Engelse detectiveschrijver Charles Latimer gefascineerd door het verhaal van gangster Dimitrios tijdens een vakantie in Turkije. Zijn besluit om een boek te schrijven over Dimitrios is het begin van een gevaarlijke en avontuurlijke reis.

Bovenstaande trailer komt van YouTube. ‘The Mask of Dimitrios’ werd in 1944 verfilmd door Jean Negulesco. Voor bovenstaand blog gebruikte ik Goodreads en Wikipedia.