Fictieve held: Dorian Gray

Zijn debuut in de literatuur bleef niet onopgemerkt. Bovendien droeg hij bij tot de val van zijn schepper. In de populaire cultuur schitterde hij al als balletdanser, operazanger, toneelspeler en filmacteur. Want net als Oscar Wilde blijft Dorian Gray tot de verbeelding spreken.

Hij is dan ook een complex personage. Aanvankelijk is hij onbedorven en naïef. Maar onder invloed van Lord Henry Wotton verandert hij, gaat hij op zoek naar nieuwe sensaties, waarbij de grens steeds verschoven wordt.

Lord Wotton leerde hij kennen in het atelier van Basil Hallward. Basil had Dorian geportretteerd en Lord Wotton merkte op dat Dorian alles had om het te maken in de wereld: jeugd en schoonheid. Het was toen dat Dorian onbezonnen de wens uitte dat zijn portret ouder zou worden en hij jong zou blijven. Zijn wens komt uit: Dorian blijft jong en zijn portret veroudert. Maar zijn portret weerspiegelt ook zijn ziel, die steeds zwarter en lelijker wordt.

Homoseksueel verlangen.

Hoewel Wilde slechts alludeerde op homoseksueel verlangen, was het de critici niet ontgaan. Ook had hij een stok in het hoenderhok gegooid door te verwijzen naar het Cleveland Street schandaal. Na een ontmoeting met Dorian moet een zekere Sir Ashton immers naar het vasteland vluchten, net als sommige adellijke heren in eerdergenoemd schandaal.

In 1889 had de politie in Cleveland Street een illegaal bordeel gesloten. In het bordeel werkten mannelijke prostituees die hun diensten aanboden aan adellijke heren. Omdat homoseksualiteit toen strafbaar was in Engeland vluchtte enkele heren naar het vasteland nadat hun namen in de pers waren verschenen.

Ook de kleinzoon van koningin Victoria, prins Albert was kind aan huis geweest in Cleveland Street 19, maar daar zweeg de Engelse pers zedig over. Niettemin schreef de buitenlandse pers daar wel over; Prins Albert was namelijk de tweede in lijn voor de Engelse troon. Door het Cleveland Street schandaal raakte de man in de straat ervan overtuigd dat homoseksualiteit een ondeugd van de adel was. Die ondeugd was erop gericht de arbeidersklasse te corrumperen.

Promotie voor immoraliteit.

De publicatie van ‘Het portret van Dorian Gray’ in Lippincott’s Monthly Magazine (juni 1890) ontlokte dan ook een storm van protest. Volgens de Victorianen promootte Wilde met Dorian Gray immoraliteit en decadentie. Wilde verdedigde zich, voerde onder meer aan dat hij zich gebaseerd had op de Faustlegende, waarin een man zijn ziel aan de duivel verkoopt. Dorian had zijn ziel immers ook verkocht. Bovendien zat er in ‘Het portret van Dorian Gray’ een zedenles: overdaad, net als onthouding kent zijn eigen prijs. Dorian betaalt uiteindelijk een hoge prijs voor zijn hedonisme.

Voor de roman in 1891 reviseerde Wilde zijn verhaal zorgvuldig. Hierbij dacht hij na over elk woord, schrapte de scènes met homo-erotische ondertoon, bedacht subplots en breidde het oorspronkelijke verhaal uit met 7 hoofdstukken. In een voorwoord verdedigde hij de reputatie van zijn werk en legde hij uit hoe het gelezen moest worden. Nog in 1891 begon Wilde een relatie met Lord Alfred Douglas. Voor die relatie zou hij een hoge prijs betalen.

Nadat Alfreds vader, de markies of Queensberry openlijk kritiek uitte op de relatie van zijn zoon met Wilde, begon Wilde een proces wegens smaad. Maar Wilde kon zich gaan verantwoorden voor de rechter toen tijdens het proces tegen de markies bleek dat hij onzedelijke handelingen had begaan met mannen uit de arbeidersklasse. Ook had hij de wapens in handen van het gerecht gelegd, want zijn ‘ondeugd’ stond zwart op wit in ‘Het portret van Dorian Gray’. Dorian was hierdoor getuige voor de officier van de Engelse kroon en uiteraard hield hij geen rekening met de gevoelens van zijn schepper.

Voor dit blog gebruikte ik verschillende bronnen waaronder The Guardian. De trailer bij dit bericht komt van YouTube. Het is de trailer van de film van Oliver Parker uit 2009.

Spotlight op: De dagboeken van Cassandra Mortmain

In ‘spotlight op’ ontruk ik een boek en zijn auteur uit de vergetelheid. Vandaag is het spotlight gericht op: De dagboeken van Cassandra Mortmain van Dodie Smith.

I write this sitting in the kitchen sink

Dorothy Gladys Smith (1896-1990) was 10 jaar toen ze haar eerste toneelstuk schreef. Als kind was ze omringd door theaterliefhebbers en thuis in het amateurtoneel. Het stond dan ook in de sterren geschreven dat ze voor het theater zou gaan schrijven.

Naast toneelstukken schreef Dodie Smith jeugdboeken en romans voor volwassenen. ‘De dagboeken van Cassandra Mortmain’ (I capture the Castle) was haar eerste roman. De 17-jarige Cassandra Mortmain schrijft haar dagelijkse observaties en belevenissen terwijl ze in de gootsteen zit. Samen met haar vader, stiefmoeder, oudere zus en jongere broertjes woont ze in een vervallen kasteel. De excentrieke familie komt rond van niets want vader Mortmain heeft een schrijversblok.

Walt Disney wou een film maken van ‘I Capture the Castle’ maar de film is er nooit gekomen. Wel kwam er in 1961 de animatiefilm van een ander boek van Dodie Smith: ‘One Hundred and One Dalmatians’. Pas na de dood van Dodie Smith was Disney bereid om de filmrechten te verkopen. In 2003 konden de fans van het boek eindelijk de film zien: ze hadden er meer dan 50 jaar op gewacht.

Nadat één van die fans, namelijk J.K. Rowling, de loftrompet stak over ‘De dagboeken van Cassandra Mortmain’, kreeg het boek een cultstatus onder Harry Potterfans.

Gespot: De onbeduidende Jude

In ‘Gespot’ zet ik een nog te verschijnen boek in de kijker. Vandaag heb ik het over de heruitgave van ‘De onbeduidende Jude’ van Thomas Hardy.

Tussen 1871 en 1895 schreef Thomas Hardy (1840-1928) dertien romans. Vijf van die romans zijn meesterwerken in de laat 19e-eeuwse literatuur. Ook ‘Jude the Obscure’ (1895) behoort tot die meesterwerken.

Voor Hardy’s tijdgenoten was ‘Jude the Obscure’ allesbehalve een meesterwerk. Ze noemden het werk al heel snel ‘Jude the Obscene’. Want hoofdpersonage Jude Fowley leeft ongehuwd samen met Sue Bridehead, wat in die tijd een doodzonde is.

Naast zijn gevoelens en gedachten over het huwelijk onthield Hardy zijn lezers zijn kritiek op de Kerk en het universitaire systeem niet, wat uiteraard niet door iedereen gesmaakt werd.

‘De onbeduidende Jude’ was Hardy’s laatste roman. Blijkbaar was hij zo verbolgen over de kritiek dat hij besloot om geen romans meer te schrijven. Tot aan zijn dood in 1928 schreef hij enkel nog gedichten.

De foto van Thomas Hardy komt van Wikimedia Commons en is van Herbert Rose Barraud.