The king’s speech van Mark Logue en Peter Conradi

Mooie aanvulling op de film.

Ik kocht dit boek na het zien van de schitterende film ‘The King’s Speech’. Het boek verdween in de boekenkast tot ik eerder dit jaar besloot om het te lezen. Zowel het boek als de film zijn gebaseerd op de dagboeken en het archief van Lionel Logue.

Wie was Lionel Logue? Lionel Logue was een onbekende spraakleraar, een autodidact, die de onder zijn spraakgebrek gebukt gaande hertog van York, tot één van de grootste koningen van Groot-Brittannië maakte. Over de methodes die Logue gebruikte is weinig gekend. Allicht was het de speciale band, die Logue opbouwde met de koning het succes achter het verhaal. Dat die relatie uniek was, bleek uit het antwoord van de koningin-moeder, na de dood van haar echtgenoot: “ik denk dat ik misschien beter weet dan wie ook hoezeer u de koning geholpen hebt, niet alleen met zijn spraak, maar daardoor ook met zijn hele leven en zijn kijk op het leven”.

Het boek begint met de kroning van de hertog van York tot koning George VI. De commentaren in de dagbladen op de kroning, en de daarop volgende radiotoespraak bevatten niets dan lof: de woorden van de koning waren vast en duidelijk, en zonder hapering doorgekomen. Zowel de koning als Lionel Logue hadden zich geen mooier compliment kunnen wensen; het was de bekroning van hun werk, dat in 1926 begonnen was.

Naast het portret van koning George VI, krijg je eerst en vooral het volledige verhaal van Lionel Logue. Wat een belangrijke meerwaarde geeft aan het boek, is de historische duiding rond de troonsafstand van Edward VIII en de jaren tijdens de Tweede Wereldoorlog. Dit wordt vooral met krantenberichten uit die tijd geïllustreerd. Ook geeft ‘The King’s speech’ je een persoonlijk portret van de Britse monarchie.

Kortom, een mooie en interessante aanvulling op de film.

The King’s Speech: How One Man Saved the British Monarchy, 2010

Jasper Jones van Craig Silvey

Een dorpje in het Australië van de jaren zestig.

Corrigan, Australië, december 1965. Tijdens een warme zomernacht roept Jasper Jones de hulp in van Charlie Bucktin. Charlie, de ik-figuur van het verhaal, is een dertienjarige die ervan droomt schrijver te worden. Die nacht dat Jasper, Charlies hulp inroept, is hij getuige van de dood van dorpsgenoot Laura. Door het gedeelde geheim ontstaat er een ongewone vriendschap tussen beide jongens. In tegenstelling tot de brave Charlie, is Jasper de schelm van het dorp. Bij het minste vergrijp wijzen alle vingers naar halfbloed Jasper.

‘Jasper Jones’ is een verhaal over tieners die te maken krijgen met grote mensenzaken. Charlie vooral, heeft het moeilijk om de grote mensenwereld te begrijpen. Het geheim dat hij deelt met Jasper drukt zwaar op zijn gemoed, zeker als hij verliefd wordt op Laura’s zus: Eliza. Ook krijgt de familie van Charlies beste vriend Jeffrey Lu te maken met discriminatie door de Vietnamoorlog. De familie Lu is namelijk Vietnamees.

In ‘Jasper Jones’ weet Silvey heel goed de sfeer weer te geven van een Australisch dorp in de jaren zestig. Silvey hanteert een vlotte, humoristisch taal zonder veel franjes. Wat vooral opvalt zijn de literaire referenties aan Charlies lievelingsboeken en auteurs als Mark Twain, Harper Lee en Truman Capote. Dit geeft het verhaal de authentieke stem van een jongen die ervan droomt weg te gaan uit het bekrompen, kleine Corrigan en een gevierd schrijver te worden. Naast die literaire fantasiewereld van Charlie staat de realiteit van een dorp met zijn geheimen en vooroordelen.

‘Jasper Jones’ is in Australië meermaals genomineerd en bekroond. Het is een coming-of-age roman die een breed publiek aanspreekt. De ontknoping was voor mij wat te veel van het goede. Het leek bijna een scenario voor een soapserie. Niettemin, charmeerde ‘Jasper Jones’ me omwille van de karakters, hun jeugdige wijsheid en hun blik op de grote mensenwereld.

Steenkoud van Stuart MacBride

Een rauw verhaal.

‘Steenkoud’ speelt zich af in het winterse Aberdeen, waar aan kroegen, kerken en regen geen gebrek is. Inspecteur Logan McRae gaat na een lange afwezigheid terug aan het werk. Omdat Logan een steekpartij overleefde, noemen zijn collega’s hem ‘Lazarus’. Net als Lazarus keerde Logan terug uit de dood.

Op Logans eerste werkdag wordt het lichaam van een driejarig jongetje gevonden. In de dagen daarna krijgt hij te maken met een vermoord meisje, twee verdwenen kleuters en een afrekening in het gokmilieu. Daarenboven wordt Logan ingedeeld bij een andere hoofdinspecteur en krijgt hij een assistente: agente Jackie Watson, bijgenaamd de ballenbreekster. Op de achtergrond speelt een rechtszaak tegen een verpleger, en is er nog een psychiatrische patiënt die een zelfstandig leven buiten een inrichting niet aankan. En blijkbaar is er iemand binnen het korps die de lokale krant tipt. Kortom, genoeg elementen die je aandacht vragen als lezer.

‘Steenkoud’ is een rauw verhaal. Die rauwe toonzetting en de humor van de schrijver zorgde ervoor dat het verhaal me pas halverwege het boek begon aan te spreken. Ook was het wennen aan de karakters. MacBride voert kleurrijke karakters op, die interessant zijn uitgewerkt. Het stoorde me aanvankelijk dat Logan terug kwam uit ziekteverlof, want zo leek het alsof het hier ging om een tweede boek in de reeks, terwijl ‘Steenkoud’ MacBride’s debuut was. Aanvankelijk lijkt er een verband te zijn tussen de verschillende zaken, maar je wordt als lezer vaak op het verkeerde been gezet. Ondanks de clichés beviel dit boek me wel.

Cold Granite, 2005