De goede man Jezus en de schurk Christus van Philip Pullman

‘De goede man Jezus en de schurk Christus’ maakt deel uit van de ‘Myth Series’ van de Schotse uitgeverij Canongate. In deze serie verschenen hervertellingen van mythes of legendes door auteurs van over heel de wereld. Zo herschreef David Grossman in ‘Leeuwenkoning’ het verhaal van Samson en Su Tong in ‘Binu en de Chinese muur’ de legende van Meng Jiang Nü.

In de Angelsaksische wereld zorgde ‘De goede man Jezus en de schurk Christus’ voor controversie. Zoals de titel al aangeeft, gaat het over Jezus. Over Jezus als historische dan wel als mythologische figuur zijn al bibliotheken vol geschreven.

Naast het gegeven dat Pullman het verhaal van Jezus herschreef, is er zijn visie op religie. Of wat sommige menen dat zijn visie is. Zijn bekendste werk ‘Het gouden kompas’ (His Dark Materials) is alvast omstreden in religieuze middens. Want in het laatste boek van deze trilogie ontketent de vader van hoofdpersonage Lyra een oorlog tegen de stokoude engel God.

Voor de conservatieve Britse journalist Peter Hitchens is Pullman gevaarlijk omdat hij God vermoordt in bovengenoemde trilogie. Hoewel Pullman beseft dat religie verankerd is in ons leven, houdt hij er niet van dat religie als onderdrukkingsmiddel wordt gebruikt. Hij heeft het niet begrepen op dogmatisme. Hij meent bovendien: “als er een God is, en als hij is zoals de christenen hem beschrijven, dan verdient hij het om afgemaakt te worden en ertegen in opstand te komen.”

Zijn hervertelling van het leven van Jezus leest evenwel als een evangelie. In zijn goede boodschap komt de kerk er als instituut bekaaid uit. Het ooggetuigenverslag van Jezus’ leven is gekleurd en aangedikt, wat de schuld is van zijn tweelingbroer.

Bij de Britse fantasyschrijver krijgt Maria namelijk een tweeling. De oudste baby is gezond en sterk. Hij krijgt de naam Jezus. De jongste is ziekelijk en wordt door Maria Christus genoemd. Als kind weet Jezus zich altijd in de nesten te werken terwijl zijn broer hem de helpende hand reikt en het voor hem opneemt.

Jezus raakt begeesterd door Johannes de Doper en laat zich door hem dopen. Op dat moment verschijnt een duif wat Christus interpreteert als een boodschap van God. Christus probeert Jezus warm te maken voor een een instituut dat zijn boodschap van liefde zal uitdragen. Maar Jezus wil daar niet van weten.

En dan duikt er een vreemdeling op. Is hij een engel of een duivel? Christus weet het niet. Maar de vreemdeling draagt hem op om alles wat Jezus doet op papier te zetten. Het is niet de bedoeling dat Christus zich aan de feiten houdt. Mirakels en boude uitspraken gaan Jezus onsterfelijk maken en de basis leggen van een kerk en een religie die de eeuwen zal trotseren. Dat overdrijven en opkloppen van de werkelijkheid gaat Christus goed af. Hij is immers een geboren verteller. Toch is het voor Christus niet altijd makkelijk om te begrijpen wat zijn broer nu eigenlijk bedoelt.

Kortom: ‘De goede man Jezus en de schurk Christus’ legt uit hoe verhalen tot stand komen. En hoe ze – naargelang de context – gebruikt of misbruikt worden. Het werpt zo belangwekkende bedenkingen op over religie en de kerk.

Oorspronkelijke titel: The Good Man Jesus and the Scoundrel Christ.
Jaar van publicatie: 2010.

Spotlight op: Seizoen van de trek naar het noorden

In ‘spotlight op’ ontruk ik een boek en zijn auteur uit de vergetelheid. Vandaag is het spotlight gericht op: Seizoen van de trek naar het noorden van Tayeb Salih.

De verteller van ‘Seizoen van de trek naar het noorden’ is een Afrikaan die studeerde in het buitenland en terugkeert naar zijn dorp. Zijn land, Soedan, is overigens nog niet zo lang onafhankelijk.

De verteller zet niet zijn eigen verhaal uiteen, maar dat van Mustafa Sa’eed. Mustafa woont nog maar pas in het dorp. In tegenstelling tot de andere dorpelingen is hij niet onder de indruk van het buitenlands avontuur en succes van de verteller. Dit prikkelt de verteller om te achterhalen wie die geheimzinnige Mustafa nu eigenlijk is.

Samen met Taha Hussein (1889-1973) en Nagieb Mahfoez (1911-2006) geldt Tayeb Saleh (1929-2009) als een van de grootste Arabische schrijvers van de 20ste eeuw.

Na zijn studies in Soedan studeerde Tayeb Saleh verder in Engeland. In Engeland werkte hij vooral als journalist. Zo schreef hij onder meer over literatuur in een wekelijkse column voor een Arabische krant en was hij werkzaam bij de Arabische afdeling van de BBC. De laatste 10 jaar van zijn beroepsleven werkte hij bij UNESCO in Parijs.

Voor zijn literair werk putte hij vooral uit zijn jeugd doorgebracht in een Soedanees dorp. ‘Seizoen van de trek naar het noorden’ (1966) is internationaal gezien zijn bekendste roman. Voor Arabische schrijvers en critici is het de beste Arabische roman van de twintigste eeuw. Hoewel Saleh die roman in het Engels had kunnen schrijven, koos hij ervoor om het in het Arabisch te schrijven. Voor de dialogen gebruikte hij dialect.

Het Yacoubian van Alaa al Aswani

In 1934 besloot de miljonair Hazjoeb Yacoubian, voorman van de Armeense gemeenschap in Egypte, een appartementsgebouw neer te zetten dat zijn naam zou dragen.

Het werk aan het Yacoubian nam twee volle jaren in beslag en overtrof alle verwachtingen. Aan de achterkant was er een enorme garage waarin Rolls Royces, Buicks en Chevrolets stonden te pronken. Want de crème de la crème van de Egyptische samenleving woonde in het Yacoubian.

De revolutie in 1952 veranderde alles. Joden en buitenlanders verlieten in allerijl Egypte. Hun plaats in het Yacoubian werd ingenomen door de officieren van de gewapende strijdkrachten, die de vrijgekomen appartementen inpikten. Voor hun bedienden waren de kamertjes op het dak goed genoeg. Die kamertjes gebruikten de bedienden van de oorspronkelijke eigenaars overigens voor de wekelijkse was.

Aan de vooravond van de eerste Golfoorlog worden die kamertjes op het dak bewoond door arme families. Het Yacoubian mag dan wel zijn beste tijd gehad hebben, het is nog steeds het huis of het kantoor van de betere klassen in de Egyptische samenleving.

In het eerste deel van ‘Het Yacoubian’ maak je kennis met de bewoners: van de vrome zoon van de conciërge, de oude playboy, de nietsontziende zakenman die een parlementszetel koopt en de jonge mooie vrouw die haar maagdelijkheid moet zien te behouden terwijl ze de seksuele avances van haar bazen niet kan afwijzen. Door de Arabische namen en de vaak korte verhalen over de verschillende bewoners is het goed opletten.

Het tweede deel zoomt in op gebeurtenissen en relaties die verschillende niveaus van onderdrukking en hypocrisie in de Egyptische samenleving weerspiegelen. Naast twee heteroseksuele relaties is er ook een homoseksuele die de sociale problemen in de Egyptische maatschappij aankaart.

Al Aswani is niet de eerste moderne Egyptische schrijver die over homoseksualiteit schreef. Bijna zestig jaar voor ‘Het Yacoubian’ (2004) was er ‘de Midaksteeg’(1947) van Naguib Mahfouz. Al Aswani ging in ‘Het Yacoubian’ weliswaar een stap verder dan Mahfouz: hij beschreef de fysieke en emotionele kant van de mannenliefde. Ook troont hij zijn lezer mee naar een clandestiene homobar in de kelder van het Yacoubian. In de kelder en op het dak van het gebouw gebeuren er dingen die beter niet het daglicht zien: ze zijn taboe en onbestaand of belichamen de armste en vuilste kant van Caïro.

Aan de vooravond van de eerste Golfoorlog is het islamitisch extremisme aantrekkelijk, vooral bij universiteitsstudenten. Nochtans staan de wetten van de staat het gebruik van alcohol, renteheffing en overspel toe.

Door het contrast geloof vs democratie, moderniteit vs traditie, arm vs rijk, man vs vrouw’ kent ‘Het Yacoubian’ vele verschillende lagen en interpretaties. En biedt het de lezer een levendig en boeiend portret van Caïro.

Ondanks hevige kritieken groeide ‘Het Yacoubian’ uit tot de bestverkochte Arabische roman in het Midden-Oosten in 2004 en 2005. Een verfilming drong zich al snel op. Net als de roman was de verfilming een groot succes. De film is een van de weinige Egyptische films die corruptie en sociale taboes aankaart. Ook internationaal vond de film en de roman veel weerklank. Er zijn intussen al meer dan 1 miljoen exemplaren van ‘Het Yacoubian’ verkocht in 35 talen.

Trailer van de film ‘The Yacoubian Building’ van Marwan Hamed. De Yacoubian is een bestaand gebouw in Caïro. Volgens al Aswani zijn de personages in zijn Yacoubian volledig uit zijn duim gezogen.

Oorspronkelijke titel: Imarat Ya ‘qubiyan.
Jaar van publicatie: 2004.

Vertaling: Jan Jaap de Ruiter. Uitgeverij Mouria, 2007.

%d bloggers liken dit: