Annie Dunne van Sebastian Barry

recensie (2) (1)

Eenvoudig verhaal met diepgang.

Als kind had zij polio. Zij hield er een bochel aan over. Zij had graag willen trouwen en kinderen krijgen, maar omwille van haar bochel wou niemand haar. Toen haar zus Maud krankzinnig werd, stond zij in voor de zorg van haar neefjes. Nadat haar neefjes het huis uit waren en haar zus gestorven was, zette haar schoonbroer Matt haar buiten. Hij wou hertrouwen. Gelukkig kon Annie terecht bij haar ongetrouwde nicht, Sarah Cullen. Zij ruilde Dublin in voor het landelijke Kelsha. De boerderij, waar zij met Sarah woont, is niet groot maar er is altijd veel werk voor de twee oude dames. Bij de buren is Annie niet geliefd. Haar vader werkte namelijk voor de Engelsen.

‘Annie Dunne’ is een heel intimistisch verhaal over een zestigjarige vrouw, die door het leven niet vriendelijk behandeld is geweest. Haar verhaal speelt zich af in een zomer. Tijdens die zomer komen een jonge achterneef en achternicht logeren. De komst van de kinderen komt Annie goed uit. Het is haar kans op geluk. Maar hoelang zal haar geluk nog duren? De kinderen blijven immers niet voorgoed bij hen. Zodra hun ouders gesetteld zijn in Engeland, komen ze de kinderen halen. Wat gaat er dan met Annie gebeuren? Sarah gaat hoogstwaarschijnlijk trouwen. Als zij trouwt, zal er geen plek meer zijn voor Annie. Zal zij net als haar vader eindigen in het armenhuis? Alleen en vergeten?

Als je van een eenvoudig verhaal met diepgang houdt, dan ga je genieten van ‘Annie Dunne’. Het verhaal komt traag op gang, maar verovert gestaag je hart. Voor de liefhebber van mooie zinnen is het een feest voor de zinnen. De beschrijvingen van het landelijke Ierland tijdens de jaren vijftig passen namelijk perfect bij Barry’s poëtische taal. Net als Annies mijmeringen over de tijd, die veel te snel gaat. Annie Dunne is overigens gebaseerd op een oudtante van Barry. Barry werkt immers aan een reeks onafhankelijk van elkaar te lezen romans over zijn familie. Zo gaat ‘In het beloofde land‘ over Annies zus in Amerika en ‘Een lange, lange weg’ over haar broer.

“De laatste tijd word ik naar het eind van de dag toe steeds langzamer, als een aftandse klok. Mijn bewegingen worden trager en ik reik over tussenruimten heen om mijn energie te sparen. Zelfs mijn woorden worden langgerekter.”

 

Volgspot van Joseph O’Connor

recensie (2) (1)

Het verhaal van Molly Allgood.

Op een dag nadat er een zware storm over Londen is geraasd, zoekt een oudere bedronken vrouw haar weg door de stad. Haar hoofd zit vol met herinneringen aan mooie en treurige momenten. Zij heeft heel wat verdriet in haar leven gekend. Haar verloofde stierf niet lang na hun verloving. Haar eerste man stierf onverwachts en haar tweede huwelijk liep spaak. De Eerste Wereldoorlog eiste het leven van een van haar broers, de Tweede die van haar zoon. De ooit zo beroemde actrice, Maire O’Neill (1885-1952), speelt nog wel rolletjes, maar haar gloriedagen zijn voorbij. Toch houdt een onbedwingbare levensdrift haar op de been.

Onder acteurs en actrices is zij geen onbekende. Zij is immers de muze geweest van de grote toneelschrijver John Millington Synge (1871-1909). Haar artiestennaam nam zij aan om zich te onderscheiden van haar acteerde zuster Sarah Allgood. Het was dankzij Sarah dat zij een figurantenrol mocht spelen in de Abbey Theater in Dublin. Haar rol als figurante ging niet onopgemerkt voorbij. Zij had de aandacht getrokken van John Millington Synge. Zij was immers mooi. Aan mannelijke aandacht had zij geen gebrek. Zij was ook een begaafde actrice. Voor haar schreef Synge de rol van Peheen in ‘The Playboy of the Western World’ (1907).

Synges familie en vrienden bezagen zijn relatie met Molly met argusogen. Niet alleen was hij ouder, hij kwam ook uit een gegoede Protestantse familie. Zij kwam uit een arme Katholieke arbeidersfamilie. Hij was een gevoelige introverte ziel. Zij had een vurig en rebels karakter. Ondanks de verschillen en de tegenkantingen verloofde hij zich met Molly. Een paar maanden na hun verloving stierf hij aan de ziekte van Hodgkin. Zijn familie liet al haar brieven aan hem vernietigen en schilderde hun relatie af als een affaire. Pas vele decennia later kreeg Molly Allgood de erkenning dat zij John Millington Synges grote liefde was geweest. Zij was dus niet zijn snol geweest. Noch speelde zij met Peheen een snol, want ‘The Playboy of the Western World’ had intussen een andere status gekregen, namelijk die van een meesterwerk.

Joseph O’Connor betoont zich een virtuoos schrijver in het fictieve komische en lyrische ‘Volgspot’, dat sterk afwijkt van de historische feiten. Net als in James Joyce ‘Ulysses’ volg je de oudere Molly  in een tijdspanne van een etmaal. Op het einde van het verhaal besef je dat hij Molly liet schitteren in haar laatste rol, want op het einde van het etmaal wacht haar de Dood. Voor Molly’s herinneringen en tocht doorheen Londen gebruikte O’Connor het jij-perspectief, terwijl hij voor het gedeelde verleden met Synge, het hij-perspectief gebruikte. Het geheel is caleidoscopisch. Een aanrader.

Arrowood van Mick Finlay

recensie (2) (1)

De hard-boiled Sherlock Holmes.

De tekst op het omslag spreekt aan: ‘de rijke Londenaren gaan met hun problemen naar Sherlock Holmes. De rest gaat naar Arrowood.’ Geeft Finlay je met William Arrowood, een nieuwe Holmes-kloon? Kruist het pad van Arrowood dat van Sherlock Holmes, zoals de synopsis lijkt te suggereren? Dat laatste is onwaarschijnlijk. Het Londen van Arrowood is niet het verfijnde en rijke Londen van Holmes, maar het dichtbevolkte en arme Londen. Het Londen, waar prostitutie, drugs en georganiseerde misdaad welig tiert, en waar een seriemoordenaar de straten onveilig maakt.

Net als Holmes kan Arrowood rekenen op de hulp van een ‘Watson’. Arrowoods hulp heet Norman Barnett. Net als Watson is Barnett de verteller. Barnett groeide op in een arme wijk van Londen en weet zijn vuisten te gebruiken. Geen ongewone luxe, want hun tegenstanders zijn zware jongens. Voor een keer is de hulp van de detective slimmer dan zijn baas. Hoewel Arrowood wel degelijk beschikt over een goed stel hersenen, komt hij over als een knoeier. Zijn bevindingen komen uit het niets en zijn eerder gelukstreffers, die hij steeds in zijn voordeel weet uit te leggen. In tegenstelling tot Holmes moet hij niets weten van forensische bewijzen en sporen, maar beroept hij zich op mensenkennis en kennis van de psychologie.

In ‘Arrowood’ gaan Arrowood en Barnett op zoek naar de verdwenen broer van Caroline Cousture. Het verhaal is niet altijd makkelijk te volgen. Je moet er als lezer je aandacht bijhouden. Pas op het einde snap je waar de zaak nu eigenlijk om draaide. Hoewel Finlay je met ‘Arrowood’ een mooi afgewerkt verhaal geeft, is de ontknoping ondergeschikt aan de enscenering. De moderne taal past niet echt bij het Victoriaanse Londen, maar wel bij het onsentimentele verhaal dat Finlay vertelt. Kortom: ‘Arrowood’ is geen Holmes-kloon maar de hard-boiled versie van de beroemde Londense detective.

‘Arrowood’ is het eerste deel van een nieuwe serie. Eerder dit jaar verscheen al het tweede deel, ‘De moordput’.