Bloggen inzetten als talent

Naast boeken bespreken neem ik af en toe ook mijn lees- en blogwereld onder de loep. Dankzij de KernTalentenmethode van Danielle Krekels weet ik, wat me drijft bij het onderhouden van dit blog. 

Volgens mijn moeder wou ik als peuter plaatjesboeken kijken in plaats van te slapen. Dat ik moest slapen, ging gepaard met kindergezang. Moeten lezen daarentegen is een andere kwestie. Ik was dan ook blij toen me eerder deze maand tijdens een KernTalentenanalyse verteld werd, dat ik veel moet lezen.

Het was onder de rubriek ‘Persoonlijkheid’ dat ik een paar jaar geleden Danielle Krekels’ boek ‘Beken(d) talent’ vond in mijn lokale bibliotheek. Naast een uitleg over de Kerntalentenmethode krijg je in ‘Beken(d) talent’ de verhalen van veertien bekende Vlamingen, die er geen graten in zagen hun KernTalentenanalyse te delen met de rest van de wereld. Met de KernTalentenmethode, ontwikkeld door Danielle Krekels, achterhaal je je natuurlijke aanleg en talenten. Die aangeboren talenten zijn die dingen, die je al deed als kind. Je krijgt bij een KernTalentenanalyse dan ook vragen over de spelletjes, de activiteiten, de interesses, het speelgoed waar je als kind graag mee speelde.

beren en boek

Hoewel ik ‘Beken(d) talent’ een interessant boek vond, zette ik niet de stap naar een KernTalentenanalyse. Toch bleef er iets hangen van het boek, en kon ik die kennis bovenhalen tijdens de module basis management in ondernemingscommunicatie bij HBO 5 eerder dit jaar. “Ja, ik had al van de KernTalentenmethode gehoord.” Mijn lector was en is laaiend enthousiast over zijn eigen KernTalentenanalyse, waardoor mijn interesse in deze methode gewekt was. Toen ik eind september nadacht over mijn professioneel leven googelde ik op Kerntalenten, en besliste een analyse te laten doen. Zo kwam ik terecht bij KernTalentenanalist, Werner Jochmans van Wingr.

Dit lezertje is overigens een geboren kennisvergaarder, en dit zowel in de diepte als in de breedte. Vandaar dat je op ‘Boeken’ blogs vindt over Tarzan en Zorro naast blogs over ‘Oorlog en Vrede’ van Tolstoj en ‘Het lijden van de jonge Werther’ van Goethe. Ik hou van afwisseling en soms is het best een uitdaging om blogs te schrijven en te bedenken. Daarnaast schuim ik met plezier internet af, om meer informatie te vinden over een bepaald boek, of over het leven van een auteur. Bij het luisteren naar audioboeken kan ik breien of sudoku’s invullen. En lezen verplaatst me sowieso in de gevoelens, gedachten en leefwereld van anderen.

Ik hou van gezelschap. Dat gezellig samenzijn ontbreekt bij het bloggen, maar wie weet, breng ik mijn online eenvrouwsredactie onder de mensen door met mijn laptop op café te gaan. Koffies of theetjes drinken bij de lokale horeca en terwijl naar werk zoeken lijkt me een leuk idee, want solliciteren is een eenzame bezigheid. Met Werners adviezen en mijn KernTalentenanalyse sta ik alvast stevig in mijn schoenen voor een nieuwe professionele uitdaging.

Ook weten wat je drijft? Op www.coretalents.be vind je alle uitleg die je nodig hebt, en kan je zoeken naar een analist in je omgeving.

De foto bij dit bericht komt van Pixabay.

Over reeksen

Naast boeken bespreken neem ik af en toe ook mijn leeswereld onder de loep. Vandaag heb ik het over reeksen.

Een paar maanden geleden zag ik bij de nieuwe boeken op Kobo een nieuwe David Hunter van Simon Beckett staan: ‘Watergraf’. Tussen dit boek en het vorige zit een periode van zeven jaar, wat best veel is. De herinneringen aan de vier voorgaande Hunterboeken zijn goed en behoorlijk levendig. Vooral deel drie is me bijgebleven. Ik kan mijn hart nog steeds voelen bonken als ik terugdenk aan dat specifiek fragment uit ‘Sanatorium’, bijna op het einde. Ik schrok me echt te pletter.

De verwachtingen voor de nieuwe David Hunter zijn dan ook hoog. Toch twijfelde ik: kopen of niet? Of wachten tot ze het in de bib hebben. Het is van 2012 geleden dat ik de vier David Hunterboeken las. In vijf jaar tijd kan er veel veranderen. Wat ik toen goed vond, kan nu dik tegenslaan. Bovendien las ik enkele jaren geleden een fragment van Becketts boek ‘Klem’, wat me totaal niet beviel.

Series zijn verraderlijk. Je kan een boek uit een serie goed vinden en de rest van de serie kopen, en achteraf tot het besef komen dat niet alle titels even geslaagd zijn. Zo vond ik het eerste deel van Kurt Wallander van Henning Mankell, ‘Moordenaar zonder gezicht’ goed. De twee volgende delen vielen tegen. Na boek drie stopte het voor mij. Ik had het gehad met het personage Wallander.

In tegenstelling tot de Wallanderserie hoef je de Bernie Guntherboeken van Philip Kerr niet in een bepaalde volgorde te lezen. Ik was gelijk weg van Bernie Gunther en kocht meteen verschillende titels. Intussen is mijn enthousiasme voor Gunther bekoeld. De formule van de cynische antiheld en de steeds wisselende femme fatale tegen de achtergrond van de louche praktijken van de nazi’s en de Tweede Wereldoorlog bevalt me niet altijd. Best jammer, en zonde van het besteden geld.

Vorig jaar las ik de drie in het Nederlands vertaalde boeken uit de Makanareeks van Parker Bilal. Enkel het laatste boek kocht ik. De twee andere ontleende ik. De Makanareeks zal beperkt zijn in de tijd, wat me een goed idee lijkt. Makana is een politie-inspecteur uit Soedan, die noodgedwongen in Egypte verblijft en daar aan de bak komt als speurder. De straten van Caïro, het is eens iets anders, dan pakweg de straten van Oxford of Londen.

Essex is overigens de plek waar de nieuwe David Hunter zich afspeelt. De plek van de misdaad draagt sterk bij tot de sfeer in de Hunterboeken. Als forensisch antropoloog is de introverte en sympathieke David Hunter niet gebonden aan een plek. Intussen las ik al het leesfragment van ‘Watergraf’ en kocht het gelijk. Het kost momenteel nog net geen vijf euro bij Kobo. Ik las de vier David Hunterboeken overigens in omgekeerde volgorde, van deel vier naar deel een. Wie weet lees ik ze wel opnieuw, na ‘Watergraf’. Benieuwd of ik dan weer zo zal schrikken met ‘Sanatorium’.

 

 

Over kunst en kitsch

Naast boeken bespreken neem ik af en toe ook mijn leeswereld onder de loep. Vandaag heb ik het over literatuur en lectuur. Of kunst en kitsch. 

Literatuur heeft waarde. Volgens sommige hebben onder meer thrillers, westerns, science fiction- en liefdesverhalen weinig tot geen waarde. Sinds 2000 zijn er de literaire thrillers, wat eigenlijk een synoniem is voor spannend boek. Het is een label gegeven door uitgevers aan boeken, die bij voorbeeld psychologische diepgang hebben. Ze zijn overigens enorm populair, de literaire thrillers. Met andere woorden zij hebben ontspanningswaarde voor heel wat lezers. Toch gaan sommige schrijvers en literaire kenners zeggen dat ze geen literaire waarde hebben mits ze vaak op clichés drijven. Ze zijn lectuur en het label literair is gewoon een marketingtruc. Het lijkt me echter dat clichés hun nut hebben, en niet echt te vermijden zijn. Ook niet in de literatuur. Of is het nu lectuur.

Je hebt dus lectuur en je hebt literatuur. Lectuur is alles wat gelezen kan worden, terwijl literatuur kunst is. Schrijvers van literatuur willen de lezer aan het denken zetten, zijn origineel in taal of verhaalstructuur en creëren personages met diepgang. Ook las ik eens ergens dat een literair werk sowieso boven de pet gaat van de gemiddelde lezer. Het is het soort boek dat je leest zonder te begrijpen waar het nu over gaat. Zo beetje als een kunstwerk, dat je niet mooi vindt – om niet te zeggen geklieder, maar waar iedereen van zegt dat het exceptioneel is. Zo is klassieke muziek sowieso kunst, terwijl rock dat niet is. Het zijn uiteindelijk kenners die bepalen wat literatuur en wat lectuur is. Ze blijken het echter niet altijd met elkaar eens te zijn.

Ik heb al vaak gemerkt bij het opzoekingswerk voor mijn berichten rond auteurs, klassiekers en fictieve helden, dat het ook verandert in de tijd. ‘Dracula’ van Bram Stoker is een van de klassiekers die je moet gelezen hebben voor je sterft, terwijl het voor de Victorianen een spannend verhaal was. Stel dat ‘Dracula’ na 2000 geschreven was, het had allicht het label, literaire thriller meegekregen. Intussen was er dan een ware tsunami geweest van allerlei boeken over vampieren, want een origineel idee kent sowieso navolging. Dat was al zo in Stokers tijd. Dus hoe origineel kan een geschreven werk nog zijn? Ze zijn er zeker wel, maar lijken me eerder zeldzaam.

Terwijl literatuurspecialisten zich buigen over wat nu wel of niet kunst is, beperk ik me gewoon tot genieten van een goed boek. Wat ik beschouw als een goed boek, kan een ander beschouwen als een draak van een boek en vice versa. Los van wat kenners en specialisten ter zake menen, het laatste woord ligt uiteindelijk bij de lezer. Bij mij en bij jou, dus. Of er nu kunst of kitsch in onze boekenkasten staat, het zal ons worst wezen. De vijfde regel van schrijver Daniel Pennacs manifest over de rechten van de lezer luidt overigens: het recht om alles te lezen.

Meer weten over onze rechten als lezer? Lees Daniel Pennacs essay. Of googel op ‘The rights of the reader’ by Daniel Pennac.