Fictieve held: Aladdin

Hij wandelde de literatuur binnen via de orale verteltraditie. Door de verhalen in Les Mille et Une Nuits (1704–1717) van Antoine Galland werd hij een publiekslieveling. Tegen de tijd dat hij zijn debuut maakte op het witte doek, had hij zijn oorspronkelijke Chinese afkomst al ingeruild voor een Arabische identiteit.

Het product van een Fransman en een Syriër.

Aladdin heeft zijn bestaan te danken aan Antoine Galland (1646–1717). Galland was een arabist en oriëntalist, die vanaf de 18e eeuw begon met het vertalen van de vertellingen van Duizend-en-een-nacht. In die tijd waren vertalers medeauteurs die vertalingen aanpasten aan hun eigen literaire smaak, of aan de smaak van het lezerspubliek. Galland zag zichzelf dan ook als een literair auteur die een Europees publiek wilde betoveren met Oosterse verhalen. Zijn vertellingen waren zo geliefd dat jonge mannen hem ’s nachts onder zijn raam wakker riepen om te vragen naar nieuwe verhalen.

Dankzij Gallands literaire ingrepen groeide zijn Les Mille et Une Nuits (Duizend-en-een- nacht) uit tot een van de invloedrijkste boeken in de westerse cultuur, dat ook eeuwen nadien de westerse fantasie over het Midden Oosten blijvend zou bepalen.

De oudste verhalen uit Duizend-en-een-nacht gaan overigens terug tot de achtste eeuw. Waarschijnlijk werden ze pas in de tiende eeuw vanuit het Indisch en Perzisch vertaald naar het Arabisch onder de titel Alf Layla, ofwel Duizend-en-een-nacht. In het manuscript dat Galland tijdens zijn reizen door het Midden-Oosten had aangekocht, kwam het verhaal van Aladdin niet voor. Uit Gallands dagboek weten we dat hij het Aladdin-verhaal had gehoord van de Syrisch-christelijke verhalenverteller en geleerde Hanna Diab.

China als land van wonderen en rijkdom.

Volgens Hanna Diab woonde Aladdin in een land van wonderen en rijkdom. Dat land was China. Zo goed als alle personages in het verhaal zijn Chinees. De gemene tovenaar die Aladdin bezoekt, komt uit Noord Afrika.

Van die Maghrebijnse tovenaar krijgt Aladdin een toverring. Dankzij die ring kan hij een magische grot betreden en een wonderlamp meenemen. Wanneer zijn moeder de lamp oppoetst, verschijnt er een djinn. Met hulp van de djinn en de geest in de ring wordt Aladdin een steenrijke man, die uiteindelijk trouwt met een prinses. Daarmee is het verhaal nog niet ten einde, want later krijgt Aladdin het aan de stok met de broer van de tovenaar.

Van Chinees naar Arabier. Van hebzuchtig naar zorgzaam.

Omdat Les Mille et Une Nuits zo populair was en massaal werd gelezen, volgden al snel herdrukken en vertalingen in andere Europese talen. Engelse en Duitse vertalers voegden nieuwe details toe aan het verhaal en plaatsten Aladdin in een Arabische of Perzische setting.

Tegen de tijd dat Aladdin zijn debuut maakt op het witte scherm, is hij Arabisch. In de Disney film Aladdin (1992) heeft hij geen moeder meer. In het oorspronkelijke verhaal speelde zijn moeder nochtans een belangrijke rol in de ontmoeting met de prinses. Maar als moderne man moet Aladdin zelf een manier vinden om de prinses voor zich te winnen, en dat met maar één in plaats van twee geesten. Ook is zijn karakter aangepast: hij is geen luie, hebzuchtige jongen meer, maar een scherpzinnige en zorgzame jonge man.

Aladdin, de hybride kosmopoliet.

Bij Disney bedachten ze voor Aladdin de fictieve stad Agrabah, een stad van mysterie en betovering, geïnspireerd op Bagdad in Irak. Voor het koninklijk paleis was de Taj Mahal in India de inspiratiebron. En daarmee maakten ze bij Disney de cirkel rond.

Zoals eerder gezegd liggen de wortels van de verhalen van Duizend-en-een-nacht in het Midden Oosten en India, waar door de eeuwen heen Perzische, Arabische en Indische vertellingen met elkaar verweven raakten, aangevuld, herschreven en doorgegeven werden, tot ze uiteindelijk het raamwerk vormden dat we vandaag kennen als de verhalen van Sherezade. In die verhalen is Aladdin met zijn wonderlamp een kind van een rijke, grensoverschrijdende traditie die begint met de zin: “Er was eens, in een land hier ver vandaan…”

Drie 19e‑eeuwse illustraties waarin Aladdin nog als Chinees personage verschijnt. Van links naar rechts zijn de illustraties van Walter Crane, Felix Octavius Carr Darley en Max Liebert. De afbeeldingen komen van Wikimedia Commons en bevinden zich in het publieke domein.

Gepubliceerd door daniellecobbaertbe

Ik ben een nieuwsgierige lezer en schrijver. Op Boeken breng ik verhalen uit de wereld van de literatuur. Want verhalen openen deuren, verruimen blikken en verbinden ons met elkaar — los van geloof, achtergrond of etniciteit.