Hoe Antwerpen magisch werd

In De komst van Joachim Stiller wordt journalist Freek Groenevelt geconfronteerd met een reeks onverklaarbare gebeurtenissen. Het begint in het centrum van Antwerpen, in de Kloosterstraat. Vier arbeiders breken de straat open en leggen ze meteen weer dicht. Freek schrijft er een artikel over. De schepen van Openbare Werken ontkent het krantenbericht; een opdracht voor werken in de Kloosterstraat heeft hij nooit gegeven.

Dan ontvangt Freek een brief van een zekere Joachim Stiller. In die brief voorspelt Stiller dat Freek over dat voorval in de Kloosterstraat zou schrijven. De brief is echter meer dan dertig jaar geleden verstuurd.

Ook Simone Marijnissen, een jonge vrouw die Freek leert kennen, heeft een brief van Stiller gekregen. Stiller belt haar zelfs op, moedigt haar aan contact te houden met Freek, alsof hij weet dat zij en Freek een koppel zullen worden. Voor Freek groeit Stiller uit tot een obsessie: wie is deze man die zijn leven binnendringt, en waarom blijven de vreemde voorvallen zich opstapelen?

Lang blijft Stiller de onzichtbare schrijver en beller, tot hij Freek laat weten dat hij naar station Antwerpen-Zuid komt voor een ontmoeting. Daar verschijnt hij eindelijk, om enkele meters verder door een vrachtwagen te worden aangereden. Zijn lichaam wordt naar het gemeentelijk moratorium gebracht, maar op de derde dag verdwijnt het spoorloos.

Vlaams magisch-realistische schemerzone

Hubert Lampo (1920-2006) geeft in De komst van Joachim Stiller geen verklaring voor wat er precies gebeurd is. Hij laat de lezer achter in die typisch Vlaams magisch-realistische schemerzone waarin de alledaagse werkelijkheid naadloos overvloeit in het fantastische of het bovennatuurlijke. De grens tussen realiteit, voorgevoel, toeval en het bovennatuurlijke vervaagt langzaam maar onherroepelijk. Dromen, mythen en tijdreizen vinden hun weg in de realiteit. Bij Lampo overheerst een melancholische, introspectieve sfeer, die past bij thema’s als identiteit, lotsbestemming, mysterie en de innerlijke wereld van zijn personages.

De komst van Joachim Stiller (1960) is Lampo’s meest iconische roman. Lampo heeft er nooit een geheim van gemaakt dat pas tijdens het schrijfproces Stiller de Christusfiguur werd: een messiasfiguur die hem verloste van zijn vage angstgevoel. Die angst vond zijn oorsprong in de twijfel aan de zin van zijn eigen bestaan en in ervaringen uit de Tweede Wereldoorlog.

Antwerpenaar Lampo werd het boegbeeld van het Vlaams magisch-realisme. Maar de grondlegger van het genre in de Vlaamse literatuur was de Gentenaar Johan Daisne (1912-1978), die het magisch realisme in 1942 introduceerde met De trap van steen en wolken. Andere bekende romans van Daisne zijn De man die zijn haar kort liet knippen (1947) en De trein der traagheid (1950), beide verfilmd door André Delvaux (1926-2002).

Van links naar rechts: Hubert Lampo en Johan Daisne – de twee vertegenwoordigers van het magisch realisme in Vlaanderen. De foto van Lampo is van Tom Ordelman en komt van Wikipedia. De foto van Daisne is in het publieke domein.

Waar kwam dat magisch realisme vandaan?

Daisne en Lampo sloten met hun werk aan bij het Duitse Magischer Realismus uit de jaren twintig. Kunstcriticus Franz Roh gebruikte de term in 1925 voor schilderijen uit de Weimarperiode die het alledaagse met bijna fotografische precisie weergaven, maar tegelijk een vreemd, onverklaarbaar mysterie uitstraalden. Het magische zat niet in bovennatuurlijke gebeurtenissen, maar in het gevoel dat de werkelijkheid een verborgen tweede laag heeft.

Die gevoeligheid sijpelde door naar de literatuur. Duitstalige auteurs als Kafka, Broch en Saiko onderzochten dezelfde dubbele werkelijkheid: een herkenbare wereld waarin iets schuift, iets kantelt, iets zich onttrekt aan logica.

Ook de Italiaan Massimo Bontempelli werkte in die richting. In zijn toneelstuk La guardia alla luna klimt een vrouw een berg op om de maan te doden, nadat zij haar kind heeft verloren. De setting is realistisch, maar één betekenisverschuiving maakt het verhaal mythisch. Bontempelli noemde dat précision réaliste en atmosphère magique: een glasheldere werkelijkheid waarin het magische zich stil aandient.

Daisne en Lampo vertaalden die Duitse en Italiaanse invloeden naar een herkenbare Vlaamse omgeving: Gentse straten, Antwerpse pleinen, Vlaamse treinen en cafés. Maar in die vertrouwde Vlaamse werkelijkheid gebeurt iets dat niet kan. Zonder uitleg. Zonder verbazing.

Twee tradities. Twee temperamenten

Wie mijn vorige blog las, herinnert zich hoe het Latijns-Amerikaanse magisch realisme het wonderbaarlijke als vanzelfsprekend beschouwt. Het Vlaams magisch realisme kiest een andere weg: het magische is hier twijfelachtig, psychologisch en ambigu. Het sijpelt binnen via voorgevoelens, toevalligheden, obsessies en onze eigen verbeelding.

De belangrijkste verschillen op een rij:

Latijns-Amerika
  • Magie als vanzelfsprekend onderdeel van de werkelijkheid
  • Mythische tijd, cyclisch, kosmisch
  • Politieke onderstroom, koloniale geschiedenis
  • Verteller die magie niet verklaart maar registreert
Vlaanderen
  • Magie als tweede laag in de realiteit
  • Psychologisch, innerlijk, vaak melancholisch
  • Verborgen betekenissen, symbolistische onderstroom
  • Subtiel en atmosferisch

Na Macondo en Antwerpen is het tijd om het magische te bekijken waar het zich het liefst verschuilt: in de schemerzone tussen genres. Dit gaan we ontdekken in Parijs.

Herlezen: Van Macondo naar de wereld – het magisch realisme in Latijns-Amerika.

Te ontdekken: het werk van André Delvaux via Sabzian

Gepubliceerd door daniellecobbaertbe

Ik ben een nieuwsgierige lezer en schrijver. Op Boeken breng ik verhalen uit de wereld van de literatuur. Want verhalen openen deuren, verruimen blikken en verbinden ons met elkaar — los van geloof, achtergrond of etniciteit.