De vulkaan van Klaus Mann

Sublieme roman over ontheemding.

De eerste reactie op ‘De vulkaan’ kwam van schrijver Lion Feuchtwanger. In zijn brief aan Klaus prees Feuchtwanger het als een geslaagd en belangrijk boek. Hij was wel niet te spreken over de twee engelen, die Klaus had opgevoerd. De meeste lezers van ‘De vulkaan’ vielen niet enkel en alleen over die engelen, maar hadden ook morele bezwaren, vonden het decadent. Zo stoorde recensent Balder Olden zich aan de figuren die Manns roman bevolkten: homo’s, heroïneverslaafden, polygame meisjes, ijdel artiestenvolk, kletsmajoren en nietsnutten. 

Klaus Mann wachtte evenwel met spanning op de mening van de tovenaar, zijn vader Thomas Mann. Rechtstreeks zijn vaders mening vragen durfde hij niet. In plaats daarvan schreef hij zijn moeder Katia en vroeg haar of zij en Vati de roman helemaal wilden lezen. Aanvankelijk ervoer Thomas weerstand bij het lezen van ‘De vulkaan’; hij was immers bijzonder kritisch over het werk van zijn oudste zoon. Volgens de tovenaar was Klaus getalenteerd, maar werkte hij te snel en was hij te slordig. 

Maar Thomas moest toegeven dat ‘De vulkaan’ hem raakte. Hopelijk voor Klaus maakte die vaderlijke erkenning het gebrek aan weerklank voor zijn roman toch enigszins goed. De actualiteit – het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog – overschaduwde namelijk de publicatie van ‘De vulkaan’.

De echte weerklank voor ‘De vulkaan’ kwam er pas in 1956, zeven jaar nadat Klaus in Cannes gestorven was aan een overdosis. De kritieken waren toen overwegend positief. Wat de critici ontging, was dat Erika Mann het manuscript had aangepast. De oudste dochter van Thomas en de lievelingszus van Klaus had bepaalde stukken stilistisch aangepast en andere simpelweg geschrapt. 

Eind jaren 90 verscheen ‘De vulkaan’ weer in de authentieke versie. In ‘De vulkaan’ volg je overigens een dertigtal Duitse emigranten, die een nieuw leven proberen op te bouwen in de periode van 1933 tot 1939. De voorschokken van de vulkaan, een nieuwe wereldoorlog nemen toe naarmate de jaren verstrijken; Veilige plaatsen lijken dan ineens niet meer zo veilig te zijn.

Naast de lotgevallen van een groep schrijvers, kunstenaars en intellectuelen zijn er ook de lotgevallen van een rijke industrieel, een barones en haar dochters, een paar communisten en proletariërs zonder papieren. ‘De vulkaan’ is een ambitieuze roman, die breed en groots is opgezet. Het maakt zijn ambitie evenwel waar, weet van begin tot einde te boeien en te raken.

Zoals schrijver Stefan Zweig in 1939 terecht opmerkte: het is een doorleefd werk. Klaus Mann had zijn eigen tegenstrijdigheden, aanvechtingen en bedreigingen en die van zijn vrienden verwerkt. Als emigrant en ontheemde kende Klaus het probleem van paspoorten, de angst, het verlangen naar de dood, de vluchtige liefde, de heimwee, de hoop, de eenzaamheid, de vijandigheid en de miserie van vele. Hij was vertrouwd met wat er leefde onder de tegenstanders van Hitler en ontvankelijk voor wat er rondom hem gebeurde.

Wat met de fameuze engelen? Wat mij betreft, hebben ze zeker hun plaats in deze caleidoscopische en sublieme roman over ontheemding.  

“In Oostenrijk konden Hans en Ernst niet lang blijven. Daar was men juist nu bijzonder streng voor verdachte knapen zoals zij, gespuis zonder pas, emigrantentuig, bij wie de opstandigheid, de revolutionaire plannen en ideeën op het ongewassen gezicht geschreven stonden.”

Oorspronkelijke titel: Der Vulkan
Oorspronkelijk jaar van publicatie: 1939.