Het fort met de negen torens van Qais Akbar Omar

Als je van ‘De vliegeraar’ van Khaled Hosseini houdt, mag je dit zeker niet missen. Met ‘Het fort van de negen torens’ schreef Qais Akbar Omar namelijk een aangrijpend familieverhaal tegen de achtergrond van drie decennia oorlog en geweld in Afghanistan. Het verhaal van de familie begint na de Russische terugtrekking in de jaren tachtig; Afghanistan kende toen een reeks van burgeroorlogen. En eindigt bij de verdrijving van de Taliban.

“Lang heb ik deze last van verdriet in de kooi van mijn hart rondgedragen. Nu heb ik hem overgedragen aan u. Ik hoop dat u er sterk genoeg voor bent.” stelt de schrijver. Omars autobiografie vroeg inderdaad kracht van deze lezer, vooral in het begin. Ik ben teergevoelig en kan slecht slapen als ik afgrijselijke dingen lees. Gelukkig was enkel het eerste deel van ‘Het fort met de negen torens’ ongeschikt als leesvoer voor het slapen gaan. Fijn en opmerkelijk was dan weer het gebruik van volksverhalen, poëzie en humor wat het verhaal ademruimte gaf.

Het merendeel van het verhaal situeert zich in Kaboel. Gedurende een jaar echter trok de familie op vlucht voor de oorlog door Afghanistan. Zo verbleef de familie onder meer in de grotten achter de reusachtige Boeddhabeelden en trok ze een tijd mee met nomaden. Voor de jonge Qais een groot avontuur, maar een avontuur waarin het gevaar nooit ver af is.

Het verhaal groeit overigens mee met de schrijver; het ik – personage. ‘Het fort met de negen torens’ leest daardoor vooral als een coming to age verhaal. De weg naar Omars volwassenheid kende veel rottigheid en verdriet, maar ook mooie momenten. Wat me vooral zal bijblijven van Omars verhaal is de verscheidenheid van de Afghaanse cultuur.

Gepubliceerd door

daniellecobbaertbe

Ik lees en schrijf graag. Bloggen doe ik dan ook over boeken, lezen en auteurs.