Dichter zijn volgens Auden

Wystan Hugh Auden (1907-1973) was een Brits-Amerikaans dichter.

Voor kenners is het onbegrijpelijk dat W.H. Auden nooit de Nobelprijs voor Literatuur heeft gekregen. Nochtans werd Auden 3 keer genomineerd voor de prestigieuze literatuurprijs. Vermoedelijk viel de Nobelprijscommissie over zijn suggestie dat de Zweedse diplomaat en Nobelprijswinnaar Dag Hammerskjöld homo was. 

De homoseksuele Auden trouwde in 1935 met de oudste dochter van Thomas Mann, Erika. De lesbische Erika was zo verzekerd van een Brits paspoort en een vrijgeleide uit nazi-Duitsland. Eigenlijk wou Erika trouwen met auteur Christopher Isherwood, een vriend van haar broer Klaus. Maar Isherwood kon het niet. Auden, die toen een knipperlichtrelatie met Isherwood had, stemde direct toe in een huwelijk met Erika. Hoewel ze nooit onder één dak hebben gewoond, is hun verstandshuwelijk nooit ontbonden geweest. 

Zijn relatie met de Amerikaanse dichter Chester Kallman daarentegen voelde voor Auden aan als een huwelijk. Tot zijn groot verdriet was zijn huwelijk met zijn droomprins een kort leven beschoren: Kallman kon hem namelijk niet het alleenrecht op hem geven. Toch bleven ze tot aan Audens dood eenzelfde woning delen. 

De foto bij dit citaat komt van Wikimedia Commons en is van John Kjellström – Svenska Dagbladet via IMS Vintage Photos

Vernieuwer van de poëzie

Bewerkt op 26 september 2019.

t.s. eliot

Hij is een van de grootste vernieuwers van de poëzie en een van de belangrijkste literaire figuren van de twintigste eeuw. Ook als literair criticus stond hij hoog aangeschreven. Geboren werd hij in Amerika, maar hij grootste deel van zijn leven woonde en werkte hij in Engeland.

Zijn beginperiode.

Thomas Stearns Eliots beginperiode als dichter werd beïnvloed door het werk van de Franse dichters van het symbolisme, wiens werk hij op de Amerikaanse universiteit van Harvard leerde kennen. Harvard leverde de bouwstenen van drie belangrijke facetten van zijn carrière: poëzie, filosofie en literaire kritiek.

Een beurs bracht hem in 1914 naar Merton College in Oxford, Engeland. Eliot had intussen ook al filosofie in Parijs gestudeerd. De studies in Oxford bevielen hem niet. In plaats van terug te gaan naar de VS, verhuisde hij naar Londen. Hier maakte hij kennis met de Amerikaanse dichter en uitgever Ezra Pound. De directe en sobere taal van Pound had een enorme invloed op Eliot. Pound herkende in Eliot een groot dichter en hielp hem bij zijn carrière. Intussen was Eliot getrouwd met een meisje, dat hij nog maar drie maanden kende en werkte hij als leraar. Twee jaar later nam hij een goedbetaalde job aan bij de Lloyds Bank en schnabbelde bij als assistent-redacteur bij een literair tijdschrift.

The Waste Land.

Zijn huwelijk met Vivienne Haigh-Wood bleek al snel ongelukkig. Vivienne leed aan hevige stemmingswisselingen. In 1921 zag Eliot zich genoodzaakt een paar maanden vrij te nemen van zijn werk. Het samenleven met de labiele Vivienne eiste zijn tol: hij leed aan een zenuwinzinking en moest opgenomen worden. In die periode schreef hij zijn bekendste gedicht, ‘The Waste Land’ (Het barre land). Bij publicatie in 1922 kreeg het lang en indrukwekkend vers in de literaire internationale scène een cultstatus. Vrienden hadden intussen een fonds opgericht voor Eliot, goed voor driehonderd pond per jaar, zodat hij zich voltijds aan dichten kon wijden. Eliot wou bij de Lloyds Bank blijven werken. Bovendien vond hij drie uur per dag schrijven voldoende.

Nog in 1922 richtte hij zijn eigen literaire tijdschrift, The Criterion op. Het redigeren van The Criterion en zijn werk bij Lloyds ging uiteindelijk ten koste van zijn werk als dichter. In 1925 gaf hij zijn ontslag bij de bank en accepteerde een baan bij uitgeverij Faber and Gwyer, het huidige Faber and Faber.

Zijn invloeden.

Na de Franse dichters van het symbolisme en Ezra Pound drukte Eliots bekering tot het anglicanisme in 1927 een grote stempel op zijn werk en denken. Het gedicht ‘Four Quartets’ beschouwde Eliot dan ook als zijn magnum opus.

Zijn kattengedichten.

Eliot hield enorm van katten. Voor zijn petekinderen schreef hij kattengedichten, die in 1939 gebundeld werden in ‘Old Possum’s Book of Pratical Cats’. In 1977 zette Andrew Lloyd Webber die gedichten op muziek, wat resulteerde in de musical ‘Cats’. Binnenkort is er ook de film ‘Cats’.

Immature poets imitate;
mature poets steal.

T.S. Eliot

De foto bij dit blog komt van Wikimedia Commons. Voor het schrijven van dit artikel gebruikte ik verschillende bronnen waaronder Wikipedia. De trailer bij dit blog komt van het Youtubekanaal van Universal Pictures.

Schrijver of geen schrijver

shakespeare

Op 23 april 2016 is het vierhonderd jaar geleden dat William Shakespeare stierf. Tenminste men gaat ervan uit dat Shakespeare op die dag stierf, want zeker weten we het niet. Wat we wel weten, is dat Shakespeare op 25 april 1616 begraven werd in de Holy Trinity Church in Stratford-upon-Avon. In diezelfde kerk werd de bard van Avon, 52 jaar eerder op 26 april 1564 gedoopt. Omdat het in die tijd de gewoonte was kinderen drie dagen na de geboorte te dopen, wordt algemeen aangenomen dat Shakespeare op 23 april 1564 werd geboren. Shakespeares geboorte- en sterfdatum, 23 april, valt overigens samen met de sterfdatum van de patroonheilige van Engeland, Sint-George.

De grootste literaire fraudeur.

Eigenlijk weten we weinig over William Shakespeare. We weten niet of hij wel een dichter en toneelschrijver was. We weten ook niet zeker hoe de man er juist uitzag. Juist omdat we zo weinig weten over Shakespeare, menen sommige – de anti-Stratfordians – dat Shakespeare de grootste literaire fraudeur ooit was, en dat het werk aan hem toegeschreven niet door hem is geschreven. Ze vinden het twijfelachtig dat iemand van gewone komaf, inzicht had in onder meer het leven aan een koninklijk hof en kennis had van de klassieke oudheid. Bovendien zijn er verschillende handtekeningen en schrijfwijzen van Shakespeares naam in omloop, wat voeding geeft aan het idee dat Shakespeare een pseudoniem was. Intussen zijn er sinds de negentiende eeuw al ruim 70 kandidaten die in aanmerking komen voor het auteurschap van de grootste Engelstalige schrijver ooit.

De meeste literaire onderzoekers en historici zijn van mening dat de argumenten van de anti-Stratfordians geen hout snijdt. In Shakespeares eigen tijd was er overigens geen twijfel over zijn auteurschap. Die twijfel is maar pas een paar eeuwen later gekomen. En eigenlijk weten we even weinig over Shakespeares tijdgenoten en mede-toneelschrijvers. Hun werk staat niet ter discussie. Schrijver of geen schrijver, literair genie of fraudeur: het is een vraag die blijkbaar enkel op Shakespeares auteurschap en werk van toepassing is.

Jealous souls need no evidence. They aren’t jealous because of a reason, but merely because they are jealous people. Jealousy is a monster that gives birth to itself.
Citaat komt uit ‘Othello’

Bron: Wikipedia
Lees ook mijn bericht over Fictieve heldin: Juliet Capulet