Hond versus speurder

Tijdloze klassieker:
klassiekers blijven boeien. Met ‘The Hound of the Baskervilles’ schreef Sir Arthur Conan Doyle zijn beste Sherlock Holmesverhaal. 

In de derde roman rond Sherlock Holmes ‘De hond van de Baskervilles’ kan Holmes het opnemen tegen een wel heel bijzondere opponent: een bovennatuurlijk wezen, dat de gedaante heeft van een enorme hond met gloeiende ogen.

Voorteken van de dood.

De Europese mythologie associeert honden steevast met de dood of met de duivel. Zwarte honden fungeren vaak als bewaker van de onderwereld. In de Britse folklore wordt het zien van een enorme zwarte hond dan weer geïnterpreteerd als een voorteken van de dood. Dit is zeker het geval in ‘De hond van de Baskervilles’, waar gevreesd wordt voor het leven van Sir Henry Baskerville, de nieuwe erfgenaam van Baskerville Hall.

Op de familie Baskerville rust er al eeuwenlang een vloek, waarin een enorme zwarte hond een rol speelt. Omdat dokter Mortimer, een vriend van de familie, vreest dat Sir Henry wel eens het volgende slachtoffer van die vloek kan zijn, roept hij de hulp in van Holmes. Holmes heeft echter nog andere zaken op te lossen in Londen, waardoor enkel dokter Watson met dokter Mortimer meegaat naar Baskerville Hall. Hoewel Watson grotendeels de speurder van dienst is, is het Holmes die naarstig achter de schermen het raadsel van de hond oplost.

Legendes over zwarte honden

Voor het bedenken van de hond kreeg schrijver Sir Arthur Conan Doyle hulp van een journalist van de Daily Express: Bertram Fletcher Robinson. Robinson kende nogal wat legendes en verhalen rond zwarte honden. Er zijn dan ook verschillende legendes die in aanmerking komen voor het idee van de plot.

Een piste is alvast de legende rond Richard Cabell. Richard Cabell leefde in de 17e eeuw en werd gezien als een monsterlijk kwaadaardige man, die zijn ziel aan de duivel had verkocht. Sinds zijn dood op 5 juli 1677 wordt er regelmatig een roedel spookhonden in de buurt van zijn graf gespot. Charles Baskerville, de voorouderlijke snoodaard waarmee alle ellende begint voor de Baskervilles, was eveneens een monsterlijk kwaadaardige man. Hij had zijn ziel aan de duivel beloofd en legde vervolgens het loodje.

Een andere piste zijn de verhalen rond Black Shuck of Old Shuck, een van de vele enorme zwarte spookhonden, die je in Engeland liever niet tegenkomt. Diegene die Black Shuck ziet, sterft ofwel onmiddellijk ofwel binnen het jaar. Het woord Shuck komt trouwens van het Oudengelse Scucca, wat demon betekent.

Beste Holmesverhaal

De demon in ‘De hond van de Baskervilles’ vindt uiteindelijk de dood. Diegene die de Baskerville-vloek nieuw leven inblies, komt ook om het leven, waardoor Holmes en Watson een nieuwe moord voorkomen, en hun eigen succes bestendigen. ‘De hond van de Baskervilles’ was immers zo succesvol, niet enkel en alleen in het Verenigd Koninkrijk maar ook in de VS, dat schrijver Sir Arthur Conan Doyle besliste om Holmes weer tot leven te wekken. Hij kreeg er een aardige som geld voor, en de fans van Holmes waren hem alvast heel dankbaar.

 

Bron: Wikipedia en http://www.historytoday.com/richard-cavendish/publication-hound-baskervilles.