Aanslag van Yasmina Khadra

De Israëlische chirurg, Amin Jafaari, heeft al meermaals slachtoffers van terreuraanslagen uit de klauwen van de dood gered. Zoals zijn naam doet vermoeden, is hij van Palestijnse afkomst. Samen met zijn vrouw Sihem woont hij in een prachtig huis in van een de meest chique buurten van Tel Aviv. De Jafaari’s kunnen zich alles veroorloven waarvan ze dromen.

Op een dag, totaal onverwacht, komt de hemel naar beneden. Een zelfmoordenaar blaast zichzelf op in een restaurant in het centrum. Hierbij komt Sihem om. Al snel blijkt dat zij geen slachtoffer van terreur is, maar de zelfmoordenaar. Vanaf dat moment is Amins leven niet meer hetzelfde. Hoe kan het zijn dat de vrouw, waarmee hij vijftien jaar lief en leed deelde, zichzelf opblies?  Het moet ook zijn schuld zijn, want waarom gaf zij anders de voorkeur aan de dood boven hun gelukkig leven samen…

“Terreur mikt altijd in eerste instantie op het hart.”

Amin heeft zich altijd afzijdig gehouden van het Israëlisch-Palestijns conflict, maar nu moet hij zich tegen wil en dank verdiepen in dat conflict. Hij wil immers begrijpen wat zijn vrouw dreef. Tijdens zijn zoektocht naar haar motieven komt hij terecht in een wereld, die lijnrecht tegenover de zijne staat, en die hij niet kan bevatten. Sihem heeft echter iets in gang gezet, dat ook Amin zal treffen.

Als lezer kan je ‘Aanslag’ makkelijk op een paar dagen lezen. Amins zoektocht leest namelijk als een spannend verhaal. Het is een spannend verhaal met duidelijke ideeën en meningen. Je kan het ook lezen als een emotionele zoektocht, want Amin wordt voortdurend met zichzelf geconfronteerd.

Net als ‘De sirenen van Bagdad‘ maakt ‘Aanslag’ deel uit van een trilogie rond islamistisch fundamentalisme. ‘Aanslag’ is merkelijk evenwichtiger dan ‘De sirenen van Bagdad’. Knap zijn vooral de parallellen die Khadra doorheen het verhaal weet te weven, en die aantonen hoe waanzinnig het Israëlisch-Palestijns conflict wel niet is. Een aanrader.

Oorspronkelijke titel: L’Attentat
Datum van publicatie: 18 augustus 2005

De blauwe kamer van Georges Simenon

Het leven is zo anders wanneer je het leeft dan wanneer je het achteraf napluist! Toch zal Tony zich maandenlang moeten inspannen om zich elk detail van zijn laatste samenzijn met zijn minnares Andrée voor de geest te halen. Hij grapte als hij Andrée antwoordde, dat hij wel dacht van haar te houden. Zij hadden net seks gehad, dus Tony zat met zijn gedachten ergens anders.

Tony kende Andrée van school – zij hadden samen hun communie gedaan – maar hij had nooit kunnen denken dat er zoveel passie schuilde in dit hooghartig kil meisje. Hij heeft al veel vrouwen gehad, maar nog nooit een vrouw die hem zoveel genot gaf. Toch denkt hij eraan om de relatie te beëindigen. Het wordt hem te riskant. Ze waren bijna betrapt. Tony moest de blauwe kamer in Hôtel des Voyageurs ijlings verlaten.

Terwijl Tony ondervraagd wordt in het gerechtsgebouw, leer je meer over zijn leven, zijn huwelijk en zijn relatie met Andrée. Gaandeweg kom je meer en meer te weten over wat er zich in het recente verleden heeft afgespeeld. Hoewel die recente gebeurtenissen voorspelbaar zijn, is het verhaal zo opgebouwd, dat het spannend blijft. Het wordt zelfs behoorlijk akelig als de bewijzen sluitend blijken te zijn. Als lezer zit je trouwens in Tony’s positie, en besef je pas wat er gebeurd is, als het te laat is. Het zal je maar overkomen, dat je onschuldig bent en gestraft wordt. En dit voor iets, dat je bij het verlaten van de blauwe kamer al vergeten was.

‘De blauwe kamer’ is Simenon op zijn strafst.

Oorspronkelijke titel: La chambre bleue
Jaar van publicatie: 1960

Fictieve held: Hercule Poirot

De meeste literaire helden schitteren enkel op papier. Sommige vinden hun weg naar andere cultuuruitingen dankzij hun kleine grijze hersencellen.

Terwijl Sherlock Holmes viool speelt, bouwt Hercule Poirot kaartenhuizen om uit een probleem te geraken. Net als Sir Arthur Conan Doyle gebruikte Agatha Christie niet alleen een excentrieke en geniale detective, maar ook een sullige assistent en een Scotland Yard inspecteur voor haar Poirotverhalen. Omdat het tijdens de Eerste Wereldoorlog in Engeland patriottisch was om sympathie te betonen ten opzichte van de arme Belgen, voerde Christie een Belgische detective op. De eerste Poirot schreef ze namelijk in volle oorlogstijd, in 1916. Het verhaal werd pas in 1920 gepubliceerd en heette: ‘The Mysterious Affair at Styles (De zaak Styles).

Gesprekjes met de lokale roddeltante.

Nadat er iemand in het herenhuis Styles Court sterft, contacteert Kapitein Arthur Hastings Poirot. Poirot is een van de vele Belgen, die voor de duur van de Groote Oorlog in Engeland verblijft. Hastings kent Poirot van zijn dagen als politie-inspecteur in België. In Engeland zal Poirot aan de bak komen als detective. Dit gedurende 55 jaar. Aanvankelijk was Poirot een conventionele speurder à la Holmes. De grote Poirot liet het zoeken naar sporen snel over aan andere, zoals zijn goede vriend Hastings. Zelf knoopte hij liever gesprekjes aan met de meid, de butler of de lokale roddeltante.

In de 33 romans en 55 kortverhalen die Christie schreef, is Poirot niet altijd een actieve detective. Soms voerde Christie hem op als een detective op pensioen. Of als iemand die geconsulteerd wordt in een mysterieuze zaak.

Onuitstaanbare Poirot.

Ondanks het feit dat Poirot al rond 1930 onuitstaanbaar geworden was voor zijn geestelijke moeder, voerde Christie hem niet af. Hierin mocht zij van haar uitgever niet het voorbeeld volgen van Sir Arthur Conan Doyle, die zijn immens populaire Holmes had laten sterven. Toch zal Poirot uiteindelijk sterven in ‘Curtain (Het doek valt)’. Hoewel ‘Curtain’ pas in 1975 verscheen, schreef Christie het al tijdens de Tweede Wereldoorlog.

Vanaf 1940 tot aan haar dood schreef Agatha Christie merkelijk minder Poirots, maar dertien op een tijdsspanne van 36 jaar. Intussen had de ijdele, besnorde Belg zijn weg al gevonden naar het kleine en grote scherm.

Bron: Wikipedia. De trailer komt van YouTube van het kanaal van Acorn Media. 
Bron foto hero: Unsplash (Umberto).