De trein van Georges Simenon

recensie (2) (1)

Op de vlucht voor de Duitsers.

Op zijn tweeëndertigste is Marcel Féron verder gekomen dan hij ooit verwacht had: hij heeft een vrouw, een dochtertje van vier en een eigen zaak. Hij houdt van zijn vrouw, zijn kleine meisje en zijn manier van leven. Toch heeft hij op 10 mei 1940 een afspraak met het lot. Deze keer gaat het niet om een virus, noch om een bacterie of een aangeboren afwijking maar om een oorlog die hem en tientallen miljoenen mannen kwaad maakt. Voor Marcel is er geen militair avontuur in het vooruitzicht, want zijn bijziendheid ontslaat hem van dienst in het leger.

Zo goed als iedereen in het Noord-Franse plaatsje Fumay slaat op de vlucht voor de oprukkende Duitsers. Ook Marcel verlaat met zijn hoogzwangere vrouw Jeanne en dochtertje Sophie hun huis en winkel met inderhaast ingepakte koffers. Aan het station loopt het mis. Marcel wordt gescheiden van zijn vrouw en dochtertje. Terwijl Jeanne en Sophie een plaats krijgen in eerste klasse, moet Marcel zich tevreden stellen met een plaats in een goederenwagon. Na meer dan twee uur vertrekt de trein met zo’n 28 wagons. Een paar dagen later wordt de trein ingekort en geraakt Marcel, Jeanne en Sophie kwijt.

In het laatste hoofdstuk van ‘De trein’ blikt Marcel terug op het begin van de oorlog, wanneer hij en zijn gezin vluchtelingen waren. Nadat hij van zijn gezin gescheiden was, had hij een avontuurtje met de joodse Anna. Saaie Marcel ziet zijn korte periode met Anna, als een tijd waarin hij echt geleefd heeft. Hij hield van haar. Zijn huwelijk met Jeanne beschouwt hij intussen als een karikatuur. Niettemin komt zijn gezin op de eerste plaats. Wanneer Anna in de winter van 1942 weer zijn pad kruiste, liet hij haar over aan haar lot.

Marcel Féron is een typische in crisis verkerende Simenon held, die schittert in een uitstekend uitgewerkte roman, geschreven in de kenmerkende eenvoudige Simenon stijl. Het einde vloeit als vanzelf voort uit de omstandigheden, wat ‘De trein’ inderdaad tot een hoogtepunt maakt in de carrière van de Belgische schrijver. Een niet te missen Simenon.

Le train, 1961

Schrijver zijn volgens Simenon

Georges Simenon

“Schrijven is geen beroep maar een roeping van de treurigheid.”

Meer weten over Simenon? Lees mijn blog over Simenon of raadpleeg Wikipedia.

De foto van Georges Simenon komt van Wikimedia Commons en is van Jac. de Nijs (Nationaal Archief)

 

Onbekenden in het huis van Georges Simenon

recensie (2) (1)

Psychologische toproman.

Op een avond hoort Hector Loursat een schot en vindt hij een dode onbekende in zijn huis. Hij belt naar de officier van justitie, een aangetrouwde neef, die meent dat hij weer eens dronken is. Toch vindt de politie wel degelijk een lijk. Ook gebeurde er dingen in zijn huis, waar Loursat niets van wist.

De voorbije 18 jaar zag Loursat enkel de muren van zijn studiekamer. Zijn dochter Nicole was twee als haar moeder wegging. Omdat Loursat zich niet bekommerde om zijn dochter, is zij grootgebracht door de huishoudster. Nicole is bijgevolg ontspoord. Ze is niet de enige, want ook haar neef en andere kinderen van notabelen zijn op een of andere manier betrokken bij de zaak.

De moord in zijn huis laat advocaat Loursat ontwaken uit zijn lethargie. Zo neemt hij de verdediging op zich van de jonge man, beschuldigd van de moord in zijn huis. Rekening houdend met zijn reputatie gaat hij de man ongetwijfeld vrij krijgen. De rechtszaak wordt dan ook druk bijgewoond.

Met ‘Onbekenden in het huis’ schreef Simenon een psychologische toproman. Het verhaal komt traag op gang, maar kent een goede spanningsboog en laat je als lezer actief meedenken over hoe de vork in de steel steekt. Het is veeleer indirect dat je dingen te weten komt, niet alleen over de zaak en het effect van die zaak in het stadje Saint-Marc, maar vooral ook over Loursat.

Hector Loursat de Saint-Marc, zoals hij voluit heet, blijkt een onconventionele man te zijn. Zijn genialiteit en excentriciteit komt in de rechtszaal goed uit de verf, wat het tweede deel net iets sterker maakt dan het eerste. Het einde is perfect in zijn eenvoud, enkel de ontmaskering van de echte moordenaar kon iets korter.

Les inconnus dans la maison, 1940