Een literaire bromance

Klassiekers zoals Brideshead Revisited blijven vragen oproepen. 

Evelynwaugh
Geboren als Arthur Evelyn Waugh, maar gekend bij zijn roepnaam Evelyn. ©Carl Van Vechten

Is het een bromance? Of is er meer aan de hand? Vooral de verfilmde versies van ‘Brideshead Revisited’ suggereren dat er meer aan de hand is tussen Lord Sebastian Flyte en Charles Ryder. Volgens sommige literatoren suggereren bepaalde zinnen en passages in het boek een fysieke relatie, en schreef Evelyn Waugh met ‘Brideshead Revisited’ (1945) een uiterst subtiele roman over de mannenliefde. Maar er zijn ook literatoren die menen dat enkel Sebastian homo is.

Over de aard van de relatie tussen Sebastian en Charles kreeg Waugh veel vragen. Volgens hem voelde Charles een romantische affectie ten opzichte van de wereld die Sebastian vertegenwoordigde. Een wereld, die voor een jongen uit de middenklasse betoverend was. Bovendien had Charles nooit een familieleven gekend en werd hij bij de Flytes geconfronteerd met de hocus-pocus van het katholieke geloof. Dat katholieke geloof met zijn goddelijke genade is een belangrijk thema in ‘Brideshead Revisited’.

Uiteraard spreekt de ambivalente relatie tussen Sebastian en Charles meer tot de verbeelding dan het thema van de goddelijke genade. Bovendien trekken we maar al te graag gelijkenissen tussen een fictief werk en het leven van een kunstenaar. Vele zien in Charles een reïncarnatie van zijn schepper. Hoe zat het met Waughs seksualiteit? Tijdens zijn studententijd in Oxford zou hij relaties hebben gehad met mannen. Zou, want we weten het niet met zekerheid. Waugh was in Oxford bevriend met homoseksuele mannen. Enkele van die mannen, met name Hugh Lygon en Alastair Graham leverden de inspiratie voor Lord Sebastian Flyte. Waugh haalde de inspiratie voor zijn romanpersonages sowieso uit zijn eigen omgeving en vriendenkring. Hoewel, zijn personages de neiging hadden om hun eigen leven te gaan leiden eens ze op papier werden gezet!

Aloysius - Brideshead Revisited
Een replica van Aloysius, Lord Sebastians teddybeer in het Teddy Bear Museum in Zuid-Korea. ©Michaela Den.

Met Lord Sebastian Flyte creëerde Waugh trouwens een opmerkelijk personage. Net als de dichter Sir John Betjeman nam Sebastian zijn teddybeer mee naar Oxford. Hier leert verteller Charles Ryder hen kennen. Het verhaal dat Charles vertelt beslaat ongeveer twintig jaar.

‘Brideshead Revisited’ werd in 1945 goed onthaald en is een klassieker in de Engelse literatuur. Het is dan ook, zowel inhoudelijk als technisch, een meesterwerk.

“I should like to bury something
precious in every place where I’ve
been happy and then, when I’m old
and ugly and miserable, I could come
back and dig it up and remember.”

 

 

 

 

 

Voor dit blog gebruikte ik verschillende bronnen. De foto’s komen van Wikimedia Commons. 

Mijlpaal in de Afrikaanse literatuur

Klassiekers blijven boeien. Sommige overstijgen zelfs grenzen. 

Volgens vele begint de Afrikaanse literatuur vanaf 1958. Toen werd ‘Things fall apart’ (Alles valt uiteen) van Chinua Achebe gepubliceerd. Het was het eerste boek van een zwart Afrikaanse auteur die door critici over de hele wereld werd gelezen. De kritieken waren lovend. Enkel in Nigeria, het thuisland van Achebe waren de reacties aanvankelijk sceptisch. Ook bracht het een discussie op gang, die in Afrika nog steeds niet is uitgewoed: kan een roman van een Afrikaanse auteur wel in de taal van de vroegere kolonisator geschreven worden?

Net als vele van zijn tijd- en landgenoten was Achebe opgeleid in het Engels. Bij de kolonisatie van Nigeria in de negentiende eeuw was het Engels immers de lingua franca geworden. Achebes keuze voor de pen tijdens zijn studentenjaren was ingegeven door onbehagen. Hij maakte hem ongelukkig hoe Britse schrijvers over zijn landgenoten en Afrikanen in het algemeen schreven. Afrikaanse personages waren steevast wilden of hansworsten.

“The white man is very clever. He came quietly and peaceably with his religion. We were amused at his foolishness and allowed him to stay. Now he has won our brothers, and our clan can no longer act like one. He has put a knife on the things that held us together and we have fallen apart.”

Zijn debuut schreef Achebe naast zijn werk voor de Nigeriaanse radio. Tijdens een opleiding in Londen liet hij zijn manuscript lezen door schrijver-criticus Gilbert Phelps, die de roman meteen wou voorstellen aan een literaire agent. Voor Achebe was de roman nog niet klaar. Pas twee jaar later, in 1958 zond hij zijn enige handgeschreven exemplaar van ‘Things fall apart’ met een betaling van 22 pond naar een firma in Londen, gespecialiseerd in typewerk. Er kwam echter geen reactie van de firma. Toen zijn baas naar London ging voor haar jaarlijkse vakantie, vroeg hij haar om langs te gaan bij de firma om te horen wat er van zijn manuscript geworden was. Dankzij haar tussenkomst kreeg Achebe zijn uitgetypt manuscript netjes teruggestuurd. Hij verzond het terug naar Londen. Deze keer naar de literaire agent, aangeraden door Phelps

Things Fall Apart books 02
‘Things fall apart’ goed voor meer dan 12 miljoen verkochte exemplaren.

Uiteindelijk was uitgeverij Heinemann bereid om Achebes roman uit te geven, maar pas nadat een van hun adviseurs het de hemel had ingeprezen. Het was niettemin een risico. Want ging er wel een markt zijn voor Afrikaanse auteurs? Dat het verhaal in het Engels was geschreven, was een troef. Had Achebe het in zijn eigen taal, het Igbo geschreven, had hij nooit zo veel lezers kunnen bereiken. En waren lezers in de rest van de wereld verstoken geweest van wat Afrikaanse auteurs te bieden hebben, want het succes van ‘All fall apart’ effende de weg voor andere. Of zoals Nelson Mandela zei: “Een wereld valt uiteen’ bracht Afrika naar de rest van de wereld.

Voor dit blog gebruikte ik verschillende bronnen, waaronder Wikipedia. De foto bij dit blog komt van Wikimedia Commons. 

 

De wraaklustige graaf

Sommige klassiekers zijn gemeengoed. Zo behoort ‘Le Comte de Monte-Cristo’ van Alexandre Dumas uit 1844 ons allen toe. 

Alexandre Dumas baseerde zijn verhaal rond de lotgevallen van Edmond Dantès op de waargebeurde geschiedenis van de Franse schoenmaker Pierre Picaud. In 1807 werd Picaud valselijk beschuldigd van spionage voor de Engelsen. Die beschuldigingen had hij te danken aan drie jaloerse vrienden. Na zijn gevangenschap kwam hij in het bezit van een schat. Belust op wraak spoorde hij zijn vrienden op om hen te laten boeten voor wat zij hem hadden aangedaan.

Edmond Dantès
Illustratie van Edmond Dantès voor de editie van 1888 door Pierre Gustave Eugene Staal.

Dumas’ hoofdpersonage Dantès verblijft veertien jaar onschuldig in château d’If, een gevangenis. Na zijn spectaculaire ontsnapping is het eiland Monte-Cristo de eerste bestemming, die hij aandoet. Hier ligt namelijk een schat. Dankzij die schat begint Edmond Dantès een nieuw leven. Bij een nieuw leven hoort een nieuwe naam en identiteit. Dantès is nu de graaf van Monte-Cristo. De nieuwbakken graaf ademt wraak. Indertijd hebben drie mannen hem belasterd. Door hen zat hij onschuldig vast. Nu is hun tijd om te lijden gekomen.

Hoogstwaarschijnlijk vond de toenmalige paus ‘De graaf van Monte-Cristo’ moreel verwerpelijk. Het boek kwam dan ook op de lijst van verboden boeken (de Index librorum prohibitorum). Bijna alle boeken van de populaire Franse schrijver waren op die lijst van verboden boeken terug te vinden. Toch deed dit geen afbreuk aan het succes van de schrijver en zijn nepgraaf. Oorspronkelijk werd ‘De graaf van Monte-Cristo’ als serie gepubliceerd in het Journal Débats. De serie liep van augustus 1844 tot januari 1846 en bestond uit achttien delen. Vanwege het immense succes volgde in 1844 al een boek van de eerste twee delen. Niet alleen Frankrijk ging plat voor de wraaklustige graaf, ook de rest van Europa volgde.

“Il faut avoir voulu mourir,
pour savoir combien
il est bon de vivre.”

In de nasleep van zijn succes engageerde Dumas de bekende architect Hyppolyte Durand. Durand bouwde Dumas’ droomhuis: le château de Monte-Cristo in Port-Marly. Naast le château de Monte-Cristo verrees ook een château d’If, of een werkruimte voor de schrijver. Hoewel Dumas een fortuin verdiende en zijn graaf furore bleef maken, moest hij in 1848 zijn kasteel, bijbehorende grond en gebouwen verkopen. De schrijver had namelijk een gat in zijn hand. De man die ons ‘De graaf van Monte-Cristo’ en ‘De drie musketiers’ gaf, stierf in bittere armoede.

Voor dit blog gebruikte ik verschillende bronnen waaronder Wikipedia.
Bron illustratie: Wikimedia Commons.