Uit het archief van Boeken

uit het archief van boekenZinderende liefdesromans. Vele beschouwen ze als triviaalliteratuur. Toch is liefde vaak een belangrijk thema binnen de ‘hoge literatuur’. Op Boeken besprak ik drie tijdloze klassiekers met een liefdesthema.

In de liefde loopt het niet altijd zoals we willen. Hoe ga je om met de pijn van een onbeantwoorde liefde? Werther ging er alvast niet goed mee om. Voor veel lezers, vooral jonge mannelijke lezers, was Werthers liefdesverdriet levensecht. Ze gingen Werther zelfs nadoen, waardoor ‘Het lijden van de jonge Werther‘ verboden werd. Het verbod hielp niet: boekhandelaars verkochten de bestseller van Goethe (1749-1832) onder de toonbank.

Vaak is een roman zo aangebrand, dat de schrijver het noodgedwongen moet laten uitgeven in het buitenland. In het geval van D.H. Lawrence (1885-1930) was het omdat hij openlijk over seks schreef. Toch is ‘Lady Chatterley’s minnaar‘ vooral het verhaal van een lady die verliefd wordt op de jachtopzichter van haar man. Wat al even schokkend was als de stomende seksscènes.

Toen ‘Maurice‘ in 1970 werd gepubliceerd, noemden critici het de homoseksuele versie van ‘Lady Chatterley’s minaar’. Het was echter D.H. Lawrence, die zich had laten inspireren door E.M. Forster (1879-1970). Op zijn beurt had Forster zich laten inspireren door een liefdesrelatie. Want liefde – ook al is zij verboden door wetten – vindt altijd een weg.

archief_liefde

 

Uit het archief van Boeken

uit het archief van boeken

Naast recensies schrijf ik ook andere blogs. Zo is er de rubriek ‘Fictieve helden‘, waarin ik stilsta bij een fictieve held die zijn weg vond naar de populaire cultuur. Eerder dit jaar schreef ik in deze rubriek een blog over Tom Ripley van Patricia Highsmith. Ik was toen noch met de verfilmingen noch met de serie vertrouwd. Daar is onlangs verandering in gekomen. Ik had ‘Ripley, een man van talent’ (The Talented Mr. Ripley) al een tijdje in mijn boekenkast staan en heb het nu eindelijk gelezen. Echt wild ben ik niet van het boek. Ik vond het goed, maar ik vind Tom Ripley zeker geen innemend personage. Sommige passages kwamen ongeloofwaardig over, zoals de manier waarop Ripley de hand weet te leggen op Dickie Greenleafs erfenis.

Niettemin deed Tom Ripley me denken aan Naomi Condrington uit ‘Schitterende dieren‘ van Lawrence Osborne. Beide personages zijn immoreel. Haar leer je vooral kennen via de andere personages. Terwijl je in Highsmiths roman enkel het perspectief van Ripley krijgt. ‘Schitterende dieren’ kreeg me paranoïde, wat ik met ‘Ripley, een man van talent’ niet had. Oftewel heeft Osborne me verwend met zijn schitterend boek. Oftewel ben ik sowieso verwend door andere thrillers. ‘Ripley, een man van talent’ dan maar links laten liggen? Zeker niet. Want het heeft zijn verdienste gehad in het misdaadgenre. En volgens vele staat die verdienste nog steeds als een huis.

Onlangs kocht ik een boek van een andere fictieve held, waar ik intussen al een blog over schreef: Philip Marlowe van Raymond Chandler. Allicht zal ik in Philip Marlowe overeenkomsten zien met Bernie Gunther van Philip Kerr.

Heb jij het ook al voorgehad? Dat de ene fictieve held je doet denken aan een andere?

 

 

Uit het archief van Boeken

uit het archief van boeken

Mario Vargas Llosa (1936) is een van de belangrijkste romanschrijvers van Latijns-Amerika. In 2010 kreeg hij de Nobelprijs voor Literatuur. Zes jaar daarvoor ontving hij de Cervantesprijs, de belangrijkste literaire prijs voor Spaanstalige auteurs. Het werk van de Peruviaanse schrijver is sterk beïnvloed door Gustave Flaubert, Jean-Paul Satre en William Faulkner. Net als Faulkner maakt Vargas Llosa gebruik van ingewikkelde veranderingen in tijd en vertelling. Net zo evident voor de lezer! Voor mij was het aanvankelijk wennen.

Ik las ooit ergens dat je geen fan kan zijn van zowel het werk van Mario Vargas Llosa en dat van Gabriel Garcia Marquez. Een paar decennia geleden las ik het werk van Gabo (*) graag, maar nu vind ik zijn stijl te bombastisch. De bewondering voor het werk van Mario Vargas Llosa is gestaag gekomen. Ik heb nog veel boeken van de auteur tegoed, want ik las en besprak er nog maar vijf. Elk boek dat ik tot hier toe las is anders qua opbouw. Vargas Llosa is alvast geen auteur die een bepaald stramien volgt, of die schrijft volgens een beproefde formule.

De oorlog van het einde van de wereld (1981) gaat over de oorlog in en rond Canudos in de jonge republiek Brazilië. Een episch werk met veel personages. Ook veel personages in Het verhaal van Mayta (1984). Door hun ogen kom je meer te weten over de revolutionair Mayta, tenminste dat is het uitgangspunt, want de schrijver van het boek wil vooral zijn verhaal vertellen.

In Het feest van de Bok (1996) focust Vargas Llosa op de laatste dag van de Dominicaanse dictator Trujillo. Naast zijn bijdrage krijg je vooral het verhaal van zijn moordenaars en de politieke malaise na zijn dood. In De droom van de Ier (2010) komt mensenrechtenactivist Sir Roger Casement tot leven. Casement was diegene die de gruwelijke wantoestanden in Belgisch Congo aan de kaak stelde. Het verhaal gaat vooral over zijn neergang.

In Het ongrijpbare meisje (2006) volg je de liefdesgeschiedenis tussen een ‘stout meisje’ en haar grootste bewonderaar over verschillende decennia. Een aanrader voor lezers die niet vertrouwd zijn met het werk van Vargas Llosa. Het is heel toegankelijk, vooral omdat het een lineair verhaal vertelt.

Las jij al een boek van Mario Vargas Llosa? En wat vind je zo goed aan hem? Of aan het boek dat je las?

(*) Gabo is de koosnaam van Gabriel Garcia Marquez.