De goede soldaat van Ford Madox Ford

“Triester verhaal dan dit heb ik nooit gehoord. We kenden de Ashburnhams al negen seizoenen van Bad Nauheim en we waren erg vertrouwelijk met ze – beter gezegd, onze omgang was soepel en ongedwongen en toch direct, zoals een goede handschoen om je hand past. Mijn vrouw en ik kenden Captain Ashburnham en zijn vrouw zo goed als maar mogelijk is iemand te kennen en toch, in een bepaald opzicht, wisten we helemaal niets van hen.”

Een verhaal van hartstocht.

Ford Madox Ford (1873-1939) zal voor veel Nederlandstalige lezers geen gekende naam zijn. In de Engelse literatuur is hij evenwel een belangrijke figuur, die toonaangevende literaire tijdschriften als ‘The English Review’ en ‘The Transatlantic Review’ oprichtte en uitgaf. In ‘The English Review’ verscheen werk van onder meer Thomas Hardy, Joseph Conrad, Henry James en H.G. Wells. In diezelfde ‘The English Review’ kreeg een jonge D.H. Lawrence een platform terwijl een jonge Ernest Hemingway zijn debuut maakte als redacteur voor ‘The Transatlantic Review’. Ford hielp heel wat schrijvers met hun eerste stappen in de wereld van de literatuur. Zo hielp en coachte hij Jean Rhys, waarmee hij ook een spraakmakende relatie had.

Als schrijver was Ford een voorloper van schrijvers zoals Virginia Woolf en James Joyce. Zijn literaire erfenis is er een van gedachten, impressies en inzichten. Naast ‘Parade’s End’ wordt vooral ‘De goede soldaat’ geroemd als een van de invloedrijkste romans uit het begin van de twintigste eeuw, en het beste wat Ford ooit schreef. De roman komt dan ook regelmatig voor op lijsten van boeken die je echt wel moet gelezen hebben. Voor vele is het de meest Franse roman ooit geschreven in het Engels.

Je zal ‘De goede soldaat’ trouwens in het Engels moeten lezen of genoegen moeten nemen met een tweedehands Nederlandstalige uitgave.

‘De goede soldaat’ is geen oorlogsroman. Wel is Edward Ashburnham, een kapitein in het Engelse leger en een steunpilaar in zijn gemeenschap. De ondertitel ‘een verhaal van hartstocht’ zegt wel waar dit schitterend geschreven verhaal over gaat, en wat je kan verwachten.

Fords meesterwerk is vooral gekend omwille van zijn onbetrouwbare verteller. Verteller dekt wel niet de lading, want eigenlijk is John Dowell een observant. De rijke Amerikaan zet je al meteen bij de eerste zin op het verkeerde been. Wat hij de lezer gaat vertellen, heeft hij van horen zeggen, terwijl hij deel uitmaakte van de ‘menuet’. De vertrouwelijke omgang tussen de Dowells en de Ashburnhams was als een menuet. Want ze wisten bij iedere gelegenheid en omstandigheid waarheen te gaan en te zitten. Toch heeft John Dowell nooit iets gemerkt van de verhouding tussen Edward Ashburnham en zijn vrouw Florence. Is het inderdaad een kwestie van niet weten wat er in de mensen omgaat, zoals hij de lezer wil laten geloven? Of is hij een manipulator? Het is aan de lezer zelf om te bepalen in hoeverre de verteller de waarheid geweld aandoet. De verteller krijgt alvast niet waar hij op hoopte, en hij is niet de enige: niemand krijgt wat hij wil.

Aanvankelijk moet je je aandacht er goed bijhouden. De stukken in het heden met Dowells reflecties worden afgewisseld met gebeurtenissen uit het verleden, die hij niet chronologisch vertelt.

Volgens Ford was het verhaal echt gebeurd, had hij er tien jaar op zitten broeden en had hij gewacht op het overlijden van de mensen, waarop het verhaal betrekking had. Of Ford inderdaad een Edward Ashburnham heeft gekend, is twijfelachtig. Stella Bowen, Fords partner voor 9 jaar, had een vermoeden over wie model had gestaan voor de goede soldaat, maar wist zijn naam niet meer. Biografen zien evenwel ook gelijkenissen tussen Edward Ashburnham en Ford. Ford had namelijk een turbulent liefdesleven. Net als bij Edward wou zijn vrouw geen scheiding. Ford woonde achtereenvolgens samen met Violet Hunt, Stella Bowen en Janice Biala. Wat zijn relatie met Stella Bowen betrof, was er zelfs sprake van bigamie. Dus ja, Ford was zeker wel vertrouwd met de diepte van het hart en de ziel.

Oorspronkelijke titel: The Good Soldier.
Datum van publicatie: 1915.