De stille Amerikaan van Graham Greene

Vintage Greene.

Saigon, 1952. Hij had net zijn opiumpijp gerookt toen er een Vietnamese politieagent aanklopte. Hij moest mee voor verhoor. Phuong moest ook mee. Op de Franse Sûreté vertelt inspecteur Vigot hen dat Pyle is vermoord. Vigot wil weten wat Thomas Fowler weet over Pyle. 

Ze hadden elkaar leren kennen op het plein voor hotel Continental. In tegenstelling tot zijn luidruchtige Amerikaanse collega’s van de pers was Pyle rustig en bescheiden; een stille Amerikaan. Alden Pyle werkte bij de Missie voor Economische Hulpverlening en was een een aanhanger van de theorie van York Harding. Harding verkondigt in zijn boeken dat landen zoals Vietnam geen nood hebben aan een kolonisator noch aan een communistisch bewind, en pleit in plaats daarvan voor een derde macht. 

Pyle was geïnteresseerd in hoe Thomas Fowler, met zijn jaren ervaring in het gebied, dacht over die derde macht. Hoewel de cynische Fowler Pyle maar een naïeve idealist vond, groeide er een vriendschap tussen beide. De vriendschap werd echter behoorlijk op de proef gesteld toen Pyle bekende dat hij verliefd was op Fowlers vriendin, de Vietnamese Phuong. 

Een maand geleden had Phuong hem verlaten voor Pyle. Pyle wou immers met haar trouwen en haar meenemen naar de VS. Een huwelijk met de getrouwde en veel oudere Thomas zat er niet in; Zijn vrouw wil immers niet scheiden.

Inspecteur Vigot meent dan ook terecht dat Thomas Fowler meer weet over de moord op Pyle. Volgens de Franse inspecteur was Pyle een spion. 

De titel krijgt zo twee betekenissen. Naast de karaktereigenschappen van Pyle is er het gegeven dat hij ‘een stille’ of spion was. De Franse autoriteiten willen de moord op Pyle liefst in de doofpot zien verdwijnen. Maar inspecteur Vigot wil graag achterhalen wat zijn hoofdverdachte, Thomas Fowler weet. En uiteraard wil de lezer ook weten of Thomas iets te maken heeft met de moord op Pyle. 

‘De stille Amerikaan’ was visionair in 1955 omdat Greene de Vietnamoorlog voorspelde (1955-1975). In de Vietnamoorlog gingen de Amerikanen de strijd aan met de  communistische Vietminh. In ‘De stille Amerikaan’ is er ook een oorlog aan de gang, namelijk de Eerste Indochinese oorlog of de onafhankelijkheidsstrijd (1946-1954), die werd uitgevochten tussen de Vietminh en de Franse kolonisator. Eigenlijk kan je de verschillende personages in ‘De stille Amerikaan’ zien als een allegorie voor de landen waarvoor ze staan, waardoor je een stuk geschiedenis meekrijgt. Los van die allegorie is ‘De stille Amerikaan’ een typische Greene met een gewetensconflict dat leidt tot een climax en een keuze waarop het hoofdpersonage niet meer kan terugkomen. Kortom: een vintage Greene. 

Oorspronkelijke titel: The Quiet American.
Jaar van publicatie: 1955.

De goede soldaat van Ford Madox Ford

“Triester verhaal dan dit heb ik nooit gehoord. We kenden de Ashburnhams al negen seizoenen van Bad Nauheim en we waren erg vertrouwelijk met ze – beter gezegd, onze omgang was soepel en ongedwongen en toch direct, zoals een goede handschoen om je hand past. Mijn vrouw en ik kenden Captain Ashburnham en zijn vrouw zo goed als maar mogelijk is iemand te kennen en toch, in een bepaald opzicht, wisten we helemaal niets van hen.”

Een verhaal van hartstocht.

Ford Madox Ford (1873-1939) zal voor veel Nederlandstalige lezers geen gekende naam zijn. In de Engelse literatuur is hij evenwel een belangrijke figuur, die toonaangevende literaire tijdschriften als ‘The English Review’ en ‘The Transatlantic Review’ oprichtte en uitgaf. In ‘The English Review’ verscheen werk van onder meer Thomas Hardy, Joseph Conrad, Henry James en H.G. Wells. In diezelfde ‘The English Review’ kreeg een jonge D.H. Lawrence een platform terwijl een jonge Ernest Hemingway zijn debuut maakte als redacteur voor ‘The Transatlantic Review’. Ford hielp heel wat schrijvers met hun eerste stappen in de wereld van de literatuur. Zo hielp en coachte hij Jean Rhys, waarmee hij ook een spraakmakende relatie had.

Als schrijver was Ford een voorloper van schrijvers zoals Virginia Woolf en James Joyce. Zijn literaire erfenis is er een van gedachten, impressies en inzichten. Naast ‘Parade’s End’ wordt vooral ‘De goede soldaat’ geroemd als een van de invloedrijkste romans uit het begin van de twintigste eeuw, en het beste wat Ford ooit schreef. De roman komt dan ook regelmatig voor op lijsten van boeken die je echt wel moet gelezen hebben. Voor vele is het de meest Franse roman ooit geschreven in het Engels.

Je zal ‘De goede soldaat’ trouwens in het Engels moeten lezen of genoegen moeten nemen met een tweedehands Nederlandstalige uitgave.

‘De goede soldaat’ is geen oorlogsroman. Wel is Edward Ashburnham, een kapitein in het Engelse leger en een steunpilaar in zijn gemeenschap. De ondertitel ‘een verhaal van hartstocht’ zegt wel waar dit schitterend geschreven verhaal over gaat, en wat je kan verwachten.

Fords meesterwerk is vooral gekend omwille van zijn onbetrouwbare verteller. Verteller dekt wel niet de lading, want eigenlijk is John Dowell een observant. De rijke Amerikaan zet je al meteen bij de eerste zin op het verkeerde been. Wat hij de lezer gaat vertellen, heeft hij van horen zeggen, terwijl hij deel uitmaakte van de ‘menuet’. De vertrouwelijke omgang tussen de Dowells en de Ashburnhams was als een menuet. Want ze wisten bij iedere gelegenheid en omstandigheid waarheen te gaan en te zitten. Toch heeft John Dowell nooit iets gemerkt van de verhouding tussen Edward Ashburnham en zijn vrouw Florence. Is het inderdaad een kwestie van niet weten wat er in de mensen omgaat, zoals hij de lezer wil laten geloven? Of is hij een manipulator? Het is aan de lezer zelf om te bepalen in hoeverre de verteller de waarheid geweld aandoet. De verteller krijgt alvast niet waar hij op hoopte, en hij is niet de enige: niemand krijgt wat hij wil.

Aanvankelijk moet je je aandacht er goed bijhouden. De stukken in het heden met Dowells reflecties worden afgewisseld met gebeurtenissen uit het verleden, die hij niet chronologisch vertelt.

Volgens Ford was het verhaal echt gebeurd, had hij er tien jaar op zitten broeden en had hij gewacht op het overlijden van de mensen, waarop het verhaal betrekking had. Of Ford inderdaad een Edward Ashburnham heeft gekend, is twijfelachtig. Stella Bowen, Fords partner voor 9 jaar, had een vermoeden over wie model had gestaan voor de goede soldaat, maar wist zijn naam niet meer. Biografen zien evenwel ook gelijkenissen tussen Edward Ashburnham en Ford. Ford had namelijk een turbulent liefdesleven. Net als bij Edward wou zijn vrouw geen scheiding. Ford woonde achtereenvolgens samen met Violet Hunt, Stella Bowen en Janice Biala. Wat zijn relatie met Stella Bowen betrof, was er zelfs sprake van bigamie. Dus ja, Ford was zeker wel vertrouwd met de diepte van het hart en de ziel.

Oorspronkelijke titel: The Good Soldier.
Datum van publicatie: 1915.

De ballade van het treurige café van Carson McCullers

De ellendige liefde.

Een katoenfabriek, wat arbeidershuisjes, perzikbomen, een kerk en een hoofdstraat van nog geen honderd meter lang. Een godverlaten oord, ergens in het zuiden van de VS. Ooit was hier een café met tafels met kleedjes en papieren servetten. Nu is datzelfde gebouw dichtgetimmerd. Enkel op het einde van de middag gaat een luik open en staart het bleke gezicht van Amelia Evans naar buiten. Zij baatte het café uit. Het grote succes van het café was evenwel toe te schrijven aan haar neef Lymon. 

‘De ballade van het treurige café’ vertelt twee verhalen. Hoe het café er kwam en waarom het nu dicht is. En het verhaal van Amelia Evans, haar ex-echtgenoot Marvin Macy en neef Lymon. Dat laatste is het verhaal van een curieuze driehoeksverhouding.

De drie personages in deze novelle zijn buitenbeentjes. De boomlange schele Amelia loopt liever rond in een werkbroek. Lymon heeft een bochel. En dan is er nog de knappe maar gemene recidivist Marvin Macy, die jarenlang het gezouten oor van een tegenstander bijhield. Dat laatste is maar een van de vele macabere details, die feitelijk verweven zijn in dit prachtig stukje melancholisch proza. Net als in een ballade worden de gebeurtenissen sprongsgewijs en met herhalingen verhaald. De personages stellen je voor raadsels, maar dat geeft net dat tikkeltje meer aan deze novelle. Zeker als je weet dat driehoeksverhoudingen als een rode draad door Carson McCullers’ (1917-1967) relaties liepen. 

McCullers droeg deze novelle overigens op aan componist David Diamond. Diamond was voor de schrijfster en haar echtgenoot Reeves McCullers iemand die ze liefhadden. Zoals ‘De ballade van het treurige café’ je leert, hunkert iemand die liefheeft steeds naar contact met zijn geliefde, ook al leidt dit tot ellende en een tragische ballade. 

Oorspronkelijke titel: The Ballad of the Sad Café.
Jaar van publicatie: 1951