Terug naar Mogadishu van Nuruddin Farah

In New York was Jeebleh bijna overreden door een landgenoot. Hij hoopt de dood in verwarring te brengen door terug te gaan naar Mogadishu. Zijn terugkeer stelt hem ook in staat om het graf van zijn moeder te bezoeken, en zich ervan te vergewissen dat haar geest rust gevonden heeft. Zijn vrouw en kinderen vinden zijn reis waanzin. Jeeblehs vertrek uit Somalië was namelijk gedwongen. Op een dag werd hij van de gevangenis naar de luchthaven gebracht en op een vliegtuig gezet.

Mogadishu, stad van de dood. Hier heerst anarchie en bandeloosheid. Gieren, kraaien en maraboes zijn een vertrouwd gezicht in de stad. De aasvogels vinden genoeg eten: overal liggen er achtergelaten, onbegraven lijken. De maatschappij is verhard, en de religie heeft de invloed van Afghanistan en Saoedi-Arabië ondergaan. Jeebleh is veel te lang weggeweest. Hij kent de regels van de veranderde samenleving niet of nauwelijks. Hoe moet hij zich gedragen? Wie kan hij vertrouwen? En waarom is hij na 20 jaar terug naar Mogadishu gegaan?

Elk deel van ‘Terug naar Mogadishu’ begint met citaten uit Dantes eerste deel van de ‘Goddelijke komedie’: de hel. Jeebleh is inderdaad naar de hel en zijn eigen politieke verleden teruggekeerd. Er is meer aan de hand. Net als Dante in de ‘Goddelijke komedie’ is Jeebleh zoekende. Zijn eigen cultuur voelt aan als vreemd. Hij betrekt de kritiek op de Amerikanen op zichzelf. Maar hij komt ook thuis. ‘Terug naar Mogadishu’ is een zoektocht naar identiteit en cultuur tegen de achtergrond van een Somalië waarin clans en subclans elkaar bevechten. Maar waar Jeebleh de liefde van zijn vrienden vindt.

“Hij wist dat ze elkaar zouden opzoeken, elkaar welkom zouden heten in hun huis, en in hun verhalen. Hij en zijn vrienden waren voor altijd verbonden door de kettingen van de verhalen die ze deelden.”

‘Terug naar Mogadishu’ is een rijk boek met interessante personages. Soms word je met gewoontes geconfronteerd, die je moeilijk kan plaatsen, en die de schrijver niet uitlegt. Geen ramp voor deze lezer, allicht minder fijn voor sommige.

De Somalische schrijver Nuruddin Farah schrijft enkel trilogieën. Ook ‘Terug naar Mogadishu’ is deel van een trilogie. Het verhaal staat gelukkig op zichzelf. De andere delen van de trilogie zijn namelijk niet in het Nederlands vertaald. Farah heeft al veel prijzen gewonnen en wordt als een van Afrika’s grootste hedendaagse schrijvers vaak getipt voor de Nobelprijs voor literatuur.

Oorspronkelijke titel: Links.
Jaar van publicatie: 2003.

Paarse hibiscus van Chimamanda Ngozi Adichie

Op Palmzondag begon het allemaal fout te lopen. Jaja was niet ter communie gegaan. Net thuisgekomen uit de kerk smeet papa zijn misboek door de kamer. Hij had Jaja willen raken, maar miste. Het zware misboek verbrijzelde de bovenste plank van de vitrinekast. De ballerinabeeldjes van mama waren in een klap allemaal kapot.

De laatste keer, dat mama de beeldjes in haar vitrinekast had schoongemaakt, was haar oog opgezwollen. Dat had papa gedaan. Ook zijn kinderen, Jaja en Kambili, deelden regelmatig in de klappen.

Voor de buitenwereld was Eugene Achike een voorbeeld. Zo gebruikte pater Benedict hem om het evangelie te verklaren. Papa was een diepgelovig man. Daarenboven was hij een machtig en rijk man, die met zijn krant de waarheid durfde zeggen over de nieuwe machthebbers.

In ‘Paarse hibiscus’ vertelt de 15-jarige Kambili het verhaal van haar gezin, waarin elk aspect van het leven gedomineerd wordt door haar vader. Tot die fameuze Palmzondag, waarop haar broer zich opstandig gedroeg. De verandering was al vroeger begonnen. Tijdens een logeerpartij in Nsukka bij hun tante, nichtje en neven leerden Kambili en Jaja een heel ander soort leven kennen. Een leven waarin ze de vrijheid hadden om te zijn en te doen wat ze willen. Een leven zonder angst.

Adichies debuutroman is een coming of age verhaal, waarin de thematiek gezinsgeweld je raakt, maar nooit vloert. Het loopt niet alleen fout in Kambili’s gezin, maar ook in Nigeria. Zo kent ‘Paarse hibiscus’ verschillende lagen en invalshoeken. Mooi is hoe Kambili langzaam aan haar omgeving begint te vertrouwen en open begint te bloeien. Als haar moeder een wanhoopsdaad pleegt, is het aan Kambili om het gezin bijeen te houden. Een roman die het geografisch gegeven ruim overschrijdt, maar die je tegelijkertijd laat kennis maken met de Nigeriaanse cultuur.

Oorspronkelijke titel: Purple Hibiscus.
Datum van publicatie: 2003.

Spotlight op: De dame met de camelia’s

In ‘spotlight op’ ontruk ik een boek en zijn auteur uit de vergetelheid. Vandaag staat de spotlight op: ‘La dame aux camélias’ van Alexandre Dumas fils.

Alexandre Dumas fils (1824-1895) was het onwettige kind van  de beroemde schrijver Alexandre Dumas (1802-1870) en Marie-Catherine Labay. Dankzij de erkenning van zijn vader kreeg de 7-jarige Dumas een goede opleiding. De keerzijde was dat hij van zijn moeder gescheiden werd; Een tragedie voor beide.

Als schrijver creëerde Dumas fils vooral tragische heldinnen, zoals Marguerite Gautier of ‘La dame aux camélias’ (1848). Marguerite was geïnspireerd op de courtisane Marie Duplessis (1824-1847), gekend in tout Paris. Dumas was een van haar geliefden geweest.

In 1852 werd ‘La dame aux camélias’ op de planken in Parijs gezet. Het toneelstuk was voor Dumas fils de start van een succesvolle carrière als toneelschrijver. En het inspireerde Verdi tot het schrijven van zijn opera ‘La Traviata’ (1853).

De afbeelding van Alexandre Dumas fils komt van Wikimedia Commons en is van Léon Bonnat.