Het fantoom van Alexander Wolf van Gajto Gazdanov

“Van al mijn herinneringen,van die eindeloze reeks ervaringen uit mijn leven, is de pijnlijkste de herinnering aan de enige moord die ik heb begaan. Sinds het moment dat die plaatsvond, kan ik me geen dag heugen dat ik er geen spijt over heb gevoeld”.

Het was een van de talloze voorvallen uit de Russische burgeroorlog geweest. Ik reed alleen op een zwarte merrie over een verlaten, verslingerde weg. Toen, in een bocht in de weg mijn paard neerzeeg. Het was neergeschoten. Ik slaagde er nog net in mijn voet uit de stijgbeugel los te maken. Niet ver van me vandaan naderde een ruiter op een wit paard. Ik trok een pistool. Op het moment dat de ruiter zijn teugels losliet schoot ik. Hij zakte uit zijn zadel en viel langzaam op de grond. Ik liep naar de man toe en boog me over hem. Hij was stervende. Plots droeg een windvlaag uit de verte het getrappel van een stel paarden naar me toe. Ik sprong op het witte paard en reed weg. Een paar dagen voor ik Rusland voorgoed verliet, verkocht ik het. Het pistool waarmee ik had geschoten wierp ik weg in de zee.

Parijs, 1936. De anonieme verteller krijgt een Engelstalige verhalenbundel in handen. In de bundel leest hij een verhaal waarin tot in het kleinste detail zijn moord beschreven staat. Voor de man is het duidelijk: de schrijver is diegene waarop hij geschoten heeft. Hij heet Alexander Wolf en woont in Londen. Tijdens een verblijf in Londen gaat de verteller langs bij de uitgever. De uitgever verzekert hem dat Alexander Wolf een Engelsman is en dat het verhaal verzonnen is. Maar terug thuis in Parijs ontmoet de verteller Vladimir Petrovitsj Voznesenski. Vladimir heeft met Sasja Wolf in de Russische burgeroorlog gevochten. Bijna had hij een dodenmis voor zijn vriend laten opdragen, nadat hij hem stervende terugvond. Maar Sasja Wolf overleefde. Vladimir is niet de enige Russische balling in Parijs, die Sasja oftewel Alexander Andrejevitsj kent. Maar waarom is de verteller zo geïnteresseerd in Alexander Wolf?

Gajto Gazdanov vocht in de Russische burgeroorlog, ontvluchtte Rusland en leefde vervolgens als balling in Parijs, waar hij zich ontpopte tot een van de begaafdste Russische emigrant-schrijvers. ‘Het fantoom van Alexander Wolf’ verscheen na de Tweede Wereldoorlog, omstreeks dezelfde periode als ‘De pest’ van Albert Camus.

Net als in ‘De pest’ is het verhaal in ‘Het fantoom van Alexander Wolf’ een manier om filosofische ideeën en gedachten over dood en leven aan te brengen. Gazdanov legde andere accenten. ‘Het fantoom van Alexander Wolf’ gaat onder meer over de dubbele onontkoombaarheid, doden of gedood worden. En de onwaarschijnlijke samenloop van omstandigheden die levens met elkaar verbindt. Het maakt ‘Het fantoom van Alexander Wolf’ tot een bevreemdend, maar intrigerend verhaal. Het einde werkt abrupt met een verteller, die ineens een andere kant van zichzelf laat zien. Toch had het verhaal niet anders kunnen eindigen.

Oorspronkelijke titel: Prizrak Aleksandra Wolfa
Jaar van publicatie: 1947-1948

Het geheime wapen van Sam Eastland

Een Duitse agent probeerde blauwdrukken te kopen van de Russische T-34. De T-34 is een immens grote tank met als bijnaam de Rode Doodskist. Omdat Nazi-Duitsland dreigt met oorlog, zullen de Russen hun supertank spoedig moeten inzetten. De ontwerper van de tank, kolonel Nagorski, staat onder druk om de tank zo snel mogelijk af te werken.

Naar eigen zeggen heeft kolonel Nagorski niets verklapt of verkocht aan de Duitsers. Stalin is daar niet zo zeker van. Volgens hem is kameraad Nagorski verantwoordelijk voor het veiligheidslek, en zit de Witte Gilde achter de verkoop van de blauwdrukken. De Witte Gilde is een geheime organisatie die Stalin ten val wil brengen.

Stalin zet zijn meest betrouwbare inspecteur, Pekkala op de zaak. Pekkala werkt al 7 jaar voor Stalin, maar als voormalig oog van de tsaar heeft hij er nog altijd moeite mee om te werken voor de man die ooit zijn vijand was. Samen met zijn assistent, majoor Kirov, gaat Pekkala naar de zwaar bewaakte basis van de T-34. Daar aangekomen vinden ze Nagorski dood onder een van zijn prototypes. De kolonel is vermoord.

De oplossing van de moord is ondergeschikt aan het historisch kader, maar is niettemin spannend. Net als in ‘Het oog van de rode tsaar’ laveert het verhaal tussen heden en verleden. Zowel in het heden als in het verleden zijn er gelijkaardige situaties, manipulaties en uitwassen van grenzeloze macht en terreur. Gelukkig heeft Pekkala net als onder de tsaar een speciaal statuut, en kan hij vasthouden aan zijn onwrikbare principes en gedragscodes. Zoals dat gaat in een tweede boek van een reeks zijn de belangrijkste personages beter uitgewerkt.

Ook ‘Het geheime wapen’ is pretentieloze fictie waar je iets mee leert.

Oorspronkelijke titel: The Red Coffin
Jaar van publicatie: 2011

Schrijver zijn volgens Bellow

saul bellow

Saul Bellow (1915-2005) was een Amerikaans schrijver van Russisch-joodse afkomst. De joodse literaire traditie had een grote invloed op zijn werk, net als Gustave Flaubert en Henry James. De joodse identiteit was een belangrijk en steeds terugkerend thema in Bellows werk. Belangrijke werken zijn, onder meer: ‘Humbolds gift’ en ‘Sammler’s planeet’.