De rest van de dag van Kazuo Ishiguro

Reliek van een tijd, die voorgoed voorbij is.

James Stevens werkt al 35 jaar als butler in Darlington House. Darlington House is onlangs gekocht door een Amerikaans congreslid, de heer Farraday. Voor James, die jarenlang werkte voor de Engelse aristocraat Lord Darlington, is het een aanpassing om voor de Amerikaan te werken.  Als James een brief krijgt van de vroegere huishoudster Miss Kenton, besluit hij haar op te zoeken. James hoopt Miss Kenton over te halen, terug in dienst te komen. Aangemoedigd door zijn nieuwe werkgever vertrekt James per auto naar het dorp waar Miss Kenton woont. Tijdens die 6-daagse rit door het zuidwesten van Engeland blikt James terug op zijn carrière als butler.

Qua actie gebeurt er weinig in ‘De rest van de dag.’ Als lezer ben je deelgenoot van de gedachten van James. Naast een terugblik op de carrière van een butler, is er ook aandacht voor het veranderd historisch perspectief. De carrière van James omspant de periode van 1921 tot 1956: een periode waarin veel veranderde, vooral met betrekking tot huispersoneel. James is eigenlijk een reliek van een tijd, die langzaam verdwijnt.

In zijn mijmeringen heeft James het vooral over waarden en idealen, en dan vooral die waarden en idealen, die zo belangrijk waren voor zijn eigen carrière. In de grond zijn het heel Engelse waarden en idealen. Omdat James voortdurend op die waarden en idealen hamert, treedt er een zekere verveling op halverwege het verhaal.

Het einde echter is een ware anticlimax, als blijkt hoe onbetrouwbaar James’ relaas is. Uiteindelijk blijkt dat James zijn leven heeft toegewijd aan idealen en waarden, die hem alles behalve gelukkig maakte. Hij deed wat van hem verwacht werd. Het tragische zit hem niet zozeer in het zelfbedrog, maar vooral in het besef van wat hij opgaf voor zijn carrière, en de erkenning dat zijn leven één grote fout is.

The Remains of the Day, 1989

De officier van Robert Harris

De geschiedenis achter de Dreyfus-affaire.

‘De officier’ van Robert Harris gaat over de Dreyfus-affaire. De Dreyfus- affaire is genoemd naar de Frans-joodse officier, Alfred Dreyfus. Dreyfus werd op 15 oktober 1894 gearresteerd als spion voor Duitsland, en veroordeeld tot levenslange gevangenisstraf, uit te zitten op het beruchte Duivelseiland voor de kust van Frans-Guyana. Alfred Dreyfus, is niet de held van Harris’ boek; hij heeft een kleine, haast te verwaarlozen rol. De held van dienst is Georges Picquart.

Terwijl Dreyfus zijn lot onderging, stond officier Picquart voor een morele keuze: de bevelen van zijn superieuren gehoorzamen, of zijn geweten volgen. Als nieuw hoofd van de inlichtingendienst ontdekte Georges Picquart namelijk dat de bewijzen tegen Dreyfus niet alleen indirect waren, maar dat er nog steeds een spion voor Duitsland actief was. Ondanks de waarschuwingen van zijn superieuren, om de Dreyfus-zaak niet terug te openen, zette Picquart zijn onderzoek voort. Voor hij het goed en wel besefte, zat hij echter in dezelfde hachelijke situatie als de zogezegde spion, Dreyfus. En zette hij niet enkel zijn legercarrière maar ook zijn leven op spel.

Robert Harris stelde in een interview dat ‘De officier’ een heel vreemd werk is, waarin niets is bedacht en tegelijkertijd alles. Zijn opzet was om in het hoofd van Georges Picquart te kruipen en om zijn versie van de feiten te geven. Hierin lukt Harris wonderwel. De fictieve feiten, die Harris in de epiloog aanhaalt, lijken onbelangrijk en irrelevant, net als de gaten die Harris moest opvullen. Enkele kleinere subplots leiden naar nergens, maar daar ging ik als lezer aan voorbij. Omdat ik weinig wist over de Dreyfus-affaire noch over de nationalistische en anti-joodse sentimenten op de vooravond van de 20e eeuw, was ‘De officier’ voor mij in de eerste plaats een interessant boek om mijn historische gaten van die periode op te vullen, en de geschiedenis van de 20e eeuw met zijn twee grote oorlogen beter te begrijpen. Los van het informatieve aspect, krijg je in ‘De officier’ de geschiedenis achter de Dreyfus-affaire: de blunders en de reacties op die blunders van de overheid en het leger.

De historische geschiedenis achter de Dreyfus-affaire leest als een spannend verhaal. ‘De officier’ is dan ook een thriller, spionageverhaal en rechtbankdrama. De rechtbankscènes herinnerde me sterk aan ‘Imperium’, Harris’ boek over de Romeinse advocaat en politicus Cicero. Of we nu bij de Romeinen zijn, of in Frankrijk aan het einde van de 19e eeuw, sommige dingen zijn van alle tijden. Lezen over het verleden, dat ondanks zijn setting, toch hedendaags aandoet, daar alleen al zou je ‘De officier’ voor lezen.

An Officer and a Spy, 2013

Wat je ziet als je valt van Rebecca Wait

Omgaan met de dood van Kit.

De Engelse Rebecca Wait won een schrijfwedstrijd met de synopsis en de drie eerste hoofdstukken van ‘Wat je ziet als je valt’, haar debuut. Dit debuut hielp de auteur bij het begrijpen en verwerken van haar depressie als jongvolwassene. Geen toeval dus dat haar romanpersonage Kit depressief is. Kit gaat echter de dood verkiezen boven de pijn. Hoe het Kits familie vergaat na zijn dood, lees je in ‘Wat je ziet als je valt’. Bij aanvang van het verhaal is Kit al vijf jaar dood.

‘Wat je ziet als je valt’ kent verschillende vertelperspectieven en verhaallijnen. Zo krijg je verschillende zienswijzen op Kits ziekte en de individuele gedachten en gevoelens van elk personage. Het is mooi om te zien hoe elk personage vanuit zijn karakter en temperament omgaat met wat is gebeurd. Vooral de mannelijke karakters worden sterk neergezet.

Je hebt het verhaal van Emma. Emma was 9 als haar broer stierf. Zij weet niet zo veel over die periode en begint zich nu als veertien-, bijna vijftienjarige vragen te stellen.  Je hebt het verhaal van de ouders: Joe en Rose, die sinds de dood van hun oudste zoon elk in hun eigen wereld leven, en uit elkaar zijn gegroeid. En dan is er het verhaal van Jamie. Jamie verliet het ouderlijke huis op de dag, dat zijn broer begraven werd en heeft sindsdien geen contact meer met zijn familie. Kits verhaal kom je te weten via Jamie aan de hand van brieven. Die brieven beslaan een deel van de roman en bieden een extra manier om het verhaal via verschillende kanten te belichten. Naast de familie, lees je ook hoe vrienden de dood van Kit ervoeren.

Omdat er genoeg details en hints in het verhaal zijn, komt het uiteindelijke drama niet abrupt, maar intens en sereen. Door de stijl, het rustig verhaaltempo en de opbouw wordt het boek nooit zwaarmoedig. Het is uiteindelijk een verhaal over liefde. De soort liefde, die je vindt in hechte families en die ervoor zorgt dat het verhaal een positief einde kent.

The View on the Way Down, 2013