We hebben altijd in het kasteel gewoond van Shirley Jackson

Angst voor de Blackwoods.

Is het je ook al overkomen? Je leest een boek. Je vindt het fantastisch. Maar je kan niet zeggen waarom je het zo fantastisch vindt. Zo’n boek is voor mij ‘We hebben altijd in het kasteel gewoond’. Vertelster van dit verhaal is de 18-jarig Mary Katherine Blackwood, oftewel Merricat. Dat Merricat veel fantasie heeft, merk je al meteen bij de eerste zes zinnen van het boek. Het verhaal dat volgt na Merricat’s voorstelling is volledig in de verleden tijd geschreven. Zij blikt terug. Of het maanden dan wel jaren betreft, is moeilijk te achterhalen. Hoe oud was Merricat op die fatale avond? Was zij toen 12? Of was zij jonger, want zij klinkt nogal kinderlijk voor een meisje van 18.

De jaren hebben de neiging om stil te blijven staan bij de Blackwoods. De kelder van het huis huisvest weckpotten van elke generatie Blackwood-vrouwen. Ze verplaatsen zelden iets en komen nauwelijks, tot nooit de deur uit. Hun domein is goed afgesloten van de buitenwereld. De dorpelingen zijn hun vijandig gezind. En die fatale avond is enkel koren op hun molen.

Ze spraken zelden rechtstreeks tegen mij, maar uitsluitend tegen elkaar. ‘Dat is een van de meisjes Blackwood’, hoorde ik hen op hoge spottende toon zeggen, ‘een van de meisjes Blackwood van Blackwood Farm.’ ‘Jammer van de Blackwoods’, zei iemand anders, ‘sneu voor die arme meisjes.’

Sinds die fatale avond zijn er nog maar 3 Blackwoods: Merricat, Constanze en oom Julian. Zij zijn allemaal obsessief bezig met iets: Constanze met koken, oom Julian met zijn memoires en Merricat met talismannen en fantastische verhalen. Een excentriek stel dus, die Blackwoods. Met de komst van neef Charles Blackwood krijgt die excentriciteit een andere naam: de Blackwoods hebben een klap van de molen gehad. Het weggaan van Charles is even onverwachts als zijn komst, en betekent het begin van een ander, beperkter maar even gelukkig leven voor Merricat en Constanze. Ze kunnen immers nog steeds de vijandige buitenwereld buitensluiten. En ze hebben rust, want Charles had twist en ongenoegen meegebracht.

Shirley Jackson (1916-1965) stond geboekstaafd als horrorauteur. Toch jaagt ‘We hebben altijd in het kasteel gewoond’ je geen angst aan door onverklaarbare dingen, enge huizen of fantastische wezens. Aanvankelijk lijkt het zelfs dat Jackson de draak steekt met het genre. Toch wordt het beklemmend. De horror in dit verhaal zit hem in de angst van de dorpelingen voor de Blackwoods. En die is – niet geheel onterecht – heel bedreigend in ‘We hebben altijd in het kasteel gewoond’.

 

Oorspronkelijke titel: We Have Always Lived in the Castle.
Jaar van publicatie: 1962.

Het beest in de mens

Tijdloze klassieker:
klassiekers blijven betoveren. Sommige zoals ‘De zonderlinge geschiedenis van Dr Jeckyll en Mr Hyde’ van Robert Louis Stevenson zijn zelfs gemeengoed. 

Het ontstaan van ‘Jekyll and Hyde’ oftewel ‘Strange Case of Dr Jekyll and Mr Hyde’ (De zonderlinge geschiedenis van Dr Jekyll en Mr Hyde) is een verhaal op zich. Op een ochtend maakte Fanny Stevenson haar echtgenoot wakker. Zij vreesde dat hij een nachtmerrie had gehad. Hij had evenwel zojuist in een droom de plot voor een nieuw verhaal gezien. Hoewel hij door ziekte het bed moest houden, ging hij de dag daarop direct aan het werk. Na drie dagen was hij klaar. Na kritiek van zijn vrouw, verbrandde Stevenson zijn werk en begon opnieuw. Volgens de overlevering had hij maar drie dagen nodig. Zijn privé-correspondentie weerlegt echter die mythe. Hoogstwaarschijnlijk werkte Stevenson vier tot zes weken aan de verbeterde versie van zijn novelle.

Een megasucces.

‘Jekyll and Hyde’ werd onmiddellijk goed onthaald bij publicatie, aanvang 1886. Dit zowel in Engeland als de Verenigde Staten, bij zowel lezers als recensenten en collega-schrijvers. Naast hoofdredactionele commentaren en koninklijke belangstelling werd de novelle ook via de kansel en kerkbladen de hemel in geprezen. Binnen de zes maanden stond de teller al op 40 000 exemplaren. Binnen de twee jaar kende ‘Jekyll and Hyde’ al 16 drukken en was het herwerkt voor het theater.

jeckyll en hyde
Illustratie van het toneelstuk ‘Jekyll and Hyde’ (1888) uit The Penny Illustrated Paper.

Mr Hyde = Jack The Ripper.

September, 1888. Twee dagen na de première in Londen van het toneelstuk ‘Jekyll and Hyde’ sloeg Jack the Ripper voor de eerste keer toe. Nogal wat journalisten verwezen toen naar de onbekende Whitechapel-moordenaar als Mr Hyde. Acteur Richard Mansfield, die Hyde/Jeckyll vertolkte werd door sommige al snel gelinkt aan de moorden, terwijl anderen meenden dat de moordenaar geïnspireerd was door Hyde. Zo ontstond de mythe dat Jack the Ripper een respectabel en fatsoenlijke man was, die buiten Whitechapel moest gezocht worden. Op die manier leidde slechterik Hyde al snel zijn eigen leven, los van Jekyll.

“I never saw a man I so disliked, and yet I scarce know why. He must be deformed somewhere, he gives a strong feeling of deformity, although I couldn’t specify the point.”

Wie meent ‘Strange Case of Dr Jekyll and Mr Hyde’ te kennen, moet het dringend lezen. De populaire cultuur gaf namelijk een geheel eigen invulling aan Stevensons verhaal over het beest in Dr Jekyll.

Bronnen: Uitgaves ‘Jekyl en Hyde’ van Bijleveld en Nonsuch Classics, Wikipedia, bl.uk, The Guardian, en volgend artikel.
Bron illustratie: Wikimedia Commons.

Fictieve held: graaf Dracula

De meeste literaire helden schitteren enkel op papier. Sommige, zoals Bram Stokers graaf Dracula, vinden hun weg naar andere cultuuruitingen. 

Overstap naar de literatuur.

Verhalen over vampieren bestaan al sinds het begin der tijden. Pas vanaf de achttiende eeuw maakte de vampier de overstap van folklore naar de literatuur via de poëzie. Het eerste kortverhaal rond een vampier, ‘The Vampire’, verscheen in 1819. ‘The Vampire’ van John Polidori was zo succesvol dat ook andere schrijvers de vampier als fictieve held lieten optreden. Zo zag Graaf Dracula in 1897 het levenslicht. Net als Polidori’s, lord Ruthven, is graaf Dracula een charismatisch edelman.

Beïnvloed door de geschiedenis van Roemenië.

Analoog aan andere literaire Victoriaanse voorgangers, zoals ‘Varney the Vampire’ kreeg graaf Dracula vooruitstekende tanden mee. Bij leven beleed de graaf de zwarte magie waardoor hij heel wat bovennatuurlijke krachten heeft. Bovendien is er de suggestie dat hij zich in een wolf kan veranderen, wat doet denken aan de volksverhalen rond weerwolven. Naast de literaire spinsels van zijn voorgangers en de invloed van de folklore werd Bram Stoker ook beïnvloed door de geschiedenis van Roemenië. Zo ontleende Stoker de naam Dracula aan Vlad II Dracula van Wallachia, een plaatselijke historische Roemeense heerser.

Van avonturenverhaal naar populaire held.

Voor het Victoriaanse lezerspubliek was ‘Dracula’ een spannend avonturenverhaal. De triomftocht van de Roemeense graaf begon pas bij aanvang van de twintigste eeuw bij de opkomst van de film. Via het witte doek bereikte Stokers roman zijn huidige toonaangevende status. ‘Dracula’ mag dan een enorme invloed hebben binnen de vampierenliteratuur, eigenlijk behoort het tot verschillende literaire genres zoals horror en de invasieliteratuur. In invasieliteratuur is er sprake van een overheersing van de wereld.

Graaf Dracula mag dan wel niet slagen in zijn missie om de wereld te domineren, hij bepaalde voorgoed ons beeld over de vampier. Bovendien is hij niet enkel in de film, maar ook op televisie, in strips en games een populaire held.

dracula

 

Bron: Wikipedia
Bron beelden: Wikimedia Commons