Butcher’s crossing van John Williams

Een anti-western.

Na zijn Harvardopleiding in 1870, trekt de jonge Will Andrews naar het echte Amerika. Op aanraden van zijn vader, een lekenpredikant, is Will op zoek naar huidenhandelaar McDonald. Will vindt McDonald uiteindelijk in Butcher’s Crossing, een gehucht ergens op de prairie in Kansas. Via McDonald leert Will bizonjager Miller kennen. Miller weet Will zo ver te krijgen, dat hij hem geld geeft voor een expeditie naar een verstopte vallei met duizenden bizons.

Naast Andrews en Miller bestaat de expeditie verder uit Schneider en Hoge. Als ze  de vallei vinden, wil Miller niet weggaan vooraleer hij elke bizon gedood heeft. Verrast door de plots invallende winter is het viertal verplicht om langer te blijven dan voorzien. Na negen maanden komen de drie overblijvende mannen, zonder huiden, aan in Butcher’s Crossing. Het gehucht is in de tussentijd enorm veranderd.

Helemaal op het einde heeft Andrews het over de ijdelheid die hem en andere drijft, waardoor het verhaal ineens iets moralistisch krijgt. Als er een moraal is, dan is ze goed weggestopt. De ijdelheid waar Andrews het over heeft, doet me ongewild denken aan de zeven hoofdzonden. In vergelijking met de ruige allesoverheersende natuur in ‘Butcher’s Crossing’ kan de mens enkel nietig zijn, en allicht ook zondig. In zijn setting is ‘Butcher’s Crossing’ een echte western. Qua verhaal is het eerder een anti-western, mits er geen stoere helden zijn, die sneller schieten dan hun schaduw.

Over helden gesproken: aanvankelijk lijkt Will de protagonist, maar de focus verschuift geleidelijk naar de groep en dan naar de natuur. Omdat Williams meestal de achternaam van de expeditieleden gebruikt, is er een bepaalde afstandelijkheid. Ik had zo weinig voeling met de karakters. Toegegeven, ik kan weinig sympathie opbrengen voor een groep mannen, die bizons nodeloos afslacht. Ik heb bijgevolg geen boodschap aan hoe je een bizon best neerschiet en vilt. Hoewel ik beducht was voor het dieronvriendelijke karakter, viel dit redelijk mee. Al bij al deel ik het enthousiasme rond Butcher’s Crossing niet.

 

Oorspronkelijke titel: Butcher’s Crossing
Jaar van publicatie: 1960

De lotgevallen van Mark Twain

Mark Twain

Samuel Langhorne Clemens gebruikte verschillende pseudoniemen vooraleer hij koos voor Mark Twain. Zijn twee bekendste werken: ‘De lotgevallen van Tom Sawyer’ en ‘De lotgevallen van Huckleberry Finn’ zijn klassiekers in de Amerikaanse literatuur.

Vrijzinnige ideeën over ras.

‘De lotgevallen van Huckleberry Finn’ is zelfs een van de grootste Amerikaanse romans. In dit typisch Amerikaans verhaal loopt de jonge Huck Finn weg van huis. Tijdens zijn tocht ontmoet hij de weggelopen slaaf Jim. Samen maken ze een reis langs de Mississippi rivier. In de loop van het verhaal worstelt Huck met morele conflicten. Hij leerde namelijk dat zwarte mensen geen echte mensen zijn maar hij ervaart het tegendeel. Huck kiest uiteindelijk voor wat hij ervaart. Het boek werd door zijn duidelijke anti-slavernijboodschap al direct gezien als controversieel. Anno 2014 is het boek nog steeds controversieel. Door het veelvuldig gebruik van het woord ‘nigger’ vinden vele het racistisch. Een aangepaste heruitgave in 2011 waarin ‘nigger’ werd vervangen door slaaf, zorgde echter ook voor veel ophef.

Twain had niet alleen vrijzinnige ideeën over ras, maar hij was ook een fervent voorvechter van vrouwenrechten en emancipatie. Door zijn huwelijk met Olivia Langdon had hij contacten met abolitionisten, socialisten en voorvechters voor vrouwenrechten. In de laatste 20 jaar van zijn leven was hij een anti-imperialist en anti-kapitalist. Het grootste gedeelte van zijn leven stond hij kritisch ten opzichte van de georganiseerde godsdienst.

Geen zakenman.

Naast het schrijven van romans, schreef Twain reisverhalen en werkte hij als journalist voor verschillende kranten en tijdschriften. Twain verdiende redelijk, maar besteedde zijn geld aan verkeerde investeringen, wat uiteindelijk leidde tot een faillissement. Gelukkig stond het copyright van zijn werk op naam van zijn vrouw en konden zijn schuldeisers er geen aanspraak op maken. Door het geven van lezingen geraakte Twain er financieel weer bovenop.

Komeet Halley.

In 1909 zei Twain: “ik verwacht nog een jaar te leven”. Omdat hij kort na de komst van de komeet Halley in 1835 geboren was, ging hij ervan uit, met de volgende komst van de komeet te sterven. En inderdaad, de dag na de komst van Halley op 20 april 1910, stierf Twain. Hij was 74.

Bron: Wikipedia.
Bron foto: Wikimedia Commons.

Ze is zoek van Emma Healey

Een dementerende vrouw aan het woord.

De tweeëntachtigjarige Maud vergeet de thee te drinken die ze zelf inschonk, koopt fruit in blik terwijl ze nog een kast vol heeft, en schrijft briefjes als geheugensteuntje. Op één van die briefjes staat: Elizabeth is zoek. Elizabeth is Mauds beste vriendin. Niemand neemt Maud serieus, toch is ze vastbesloten om uit te zoeken wat er met haar vriendin gebeurde. Het is trouwens niet de eerste keer dat iemand in Mauds omgeving verdwijnt. Vlak na de tweede wereldoorlog verdween namelijk haar zuster Sukey. De verdwijning van Sukey bleef onopgelost.

In Emma Healey’s debuut ‘Ze is zoek’ is de ik-persoon een aan dementie lijdende vrouw. De gebeurtenissen in het heden worden geleidelijk aan steeds sneller afgewisseld door de gebeurtenissen in het verleden. Het boek heet een mysterie te zijn, maar veel mysterie is er niet. Het boeiende zit hem in het feit dat je wil weten wat er met Sukey en met Elizabeth is gebeurd.

De oplossing van het mysterie rond Sukey overtuigt niet. In verband met Elizabeth weet je dat Mauds omgeving meer weet. Er is niemand die Maud geruststelt, wat onbegrijpelijk is. De oplossing van dit raadsel ligt evenwel voor de hand en kom je te weten bijna aan het einde van het boek.

Hoewel het verhaal niet echt overtuigt, weet Healey de twee verhaallijnen goed met elkaar te verweven. Ook weet ze behoorlijk veel sfeer en kleur te leggen in Mauds herinneringen. Met Maud zet Healey een gedenkwaardig personage neer. De inspiratie voor Maud haalde de schrijfster uit haar eigen familie. De knappe neerzetting van Maud en het verloop van haar ziekteproces maakt ‘Ze is zoek’ tot een bijzonder en actueel debuut, dat je doet nadenken over hoe we met onze ouderen omgaan.

Elizabeth is Missing, 2014