Kleine doden van Emma Flint

Queens, New York, 14 juli 1965. De zesentwintigjarige Alice Crimmins deed die ochtend een akelige ontdekking: de slaapkamer van haar kinderen was leeg. Alice belde naar haar man, van wie zij gescheiden leefde, en brulde hem toe om de kinderen onmiddellijk terug te brengen. Maar Ed Crimmins had de kinderen niet. Diezelfde dag nog vond de politie Alice Marie, bijgenaamd Missy, dood terug op een braakliggend terrein ruim een kilometer verwijderd van haar woning. Het vierjarig meisje was gewurgd. Vijf dagen later werd het in verregaande staat van ontbinding verkerende lichaam van Ed jr. aangetroffen. Ed jr. was vijf jaar.

In 1971 wordt Alice Crimmins veroordeeld voor de moord op haar kinderen. Of ze haar kinderen vermoord heeft, weten we niet. Wel weten we dat de politie zich enkel richtte op 1 verdachte: Alice. Nog voor ze een voet zette in de rechtszaal was zij al veroordeeld. Wat zeg nu zelf: een knappe gescheiden vrouw met een baan als cocktailserveerster. Die rookt als een schouw en drinkt als een tempelier. Die zonder gêne laat zien wat de natuur haar gaf. En die mannen mee naar haar flat neemt. Zo’n snol kan toch geen goede moeder zijn!

Rond de geruchtmakende zaak van Crimmins hebben journalisten, schrijvers en scenaristen inspiratie geput voor hun eigen al dan niet fictief werk. Emma Flint baseerde haar fictief verhaal rond Ruth Malone in ‘Kleine doden’ op ‘The Alice Crimmins Case’ van Kenneth Gross en ‘Ordeal by Trial’ van George Carpozi jr. Ruths verhaal in ‘Kleine doden’ volgt voor het grootste deel de zaak Alice Crimmins. Als lezer volg je de gebeurtenissen door de ogen van verslaggever Peter Wonicke en Ruth. Emma Flint trekt duidelijk en logischerwijs de kaart van de onschuldige vrouw, veroordeeld om wie zij is en hoe zij zich gedraagt. Daarbij weet zij de sfeer van die tijd goed weer te geven. Zij geeft het verhaal wel een ander, afgerond einde. Zo confronteert zij Ruth met de voor de hand liggende moordenaar van haar kinderen. Ondanks die voorspelbaarheid is het einde sterk met een Ruth Malone, die voor haar eigen anonieme weg kiest in het besef, dat ze niet mag opgeven en nooit vrij zal zijn. Ook Alice Crimmins koos na haar vrijlating voor de anonimiteit.

‘Kleine doden’ is geen roman die je moeilijk kan wegleggen of die drijft op verrassende plotwendingen, maar wel een die aan sterkte wint tijdens het lezen, en die je grijpt. Kortom ‘Kleine doden’ is een roman, die naar meer smaakt. De Engelse schrijfster werkt aan meer van zulke verhalen, gebaseerd op echte moordzaken.

Oorspronkelijke titel: Little Deaths.
Jaar van publicatie: 2017.

Personages volgens Capote.

capote.blog-post-feature
Foto ©Mascot

Truman Garcia Capote (1924-1984) was een Amerikaans schrijver van fictie, non-fictie en kortverhalen. Tot zijn gekendste werk behoort: ‘In Cold Blood’ en ‘Breakfast at Tiffany’s’.

Waarvan wolven dromen van Yasmina Khadra

Waar dromen wolven van? Wanneer ze tussen twee voldane grommen, het verse bloed oplebberen van hun prooi, vastgeklit aan hun weerzinwekkende muil zoals de schimmen van onze slachtoffers aan ons.

Ooit was Nafa Walid getuige van een ‘ongeluk’. Zag hij het gezicht van een jong meisje tot pulp slaan. Enkele uren daarvoor had het meisje de nacht doorgebracht met Mohammed Raja. Gedegouteerd door het gebeuren gaf Nafa zijn ontslag bij de rijke Raja’s. Intussen heeft hij zelf gemoord, kelen overgesneden en verkracht. Nu wacht hij op de bevrijding van zijn duisternis. Wacht hij op een fataal schot.

“De agenten zijn opgehouden met schieten. Ik zie er een, verscholen achter een washok, op het dak van een krot. Hij slaat ons gade door het vizier van zijn geweer, zijn vinger aan de trekker.”

Ooit droomde Nafa van een carrière als acteur. Was hij ervan overtuigd dat hij ter wereld was gekomen om te behagen, te verleiden en harten te veroveren. Na zijn debacle bij de Raja’s en het bedrog door een kameraad kon Nafa niets meer verwachten van het leven. Enkel het geloof gaf zin aan zijn ellende. Enkel de fundamentalisten boden een uitweg.

Nafa’s verhaal speelt zich niet in deze tijd af, maar in de jaren 90 tijdens de Algerijnse Burgeroorlog. ‘Waarvan wolven dromen’ geeft een scherpe analyse van het toenmalige Algerije, dat overspoeld werd door een fundamentalistische vloedgolf. Mohammed Moulessehoul, beter gekend onder zijn pseudoniem Yasmina Khadra werkte toen als commandant in het Algerijnse leger. Hier moet hij de ervaring hebben opgedaan om geloofwaardig te schrijven over radicalisering, de mechanismen die aan de grondslag liggen van radicalisering, en fanatisme in het algemeen. Ondanks de cultuur en de achtergrond van de personages heeft het verhaal iets universeel. Wat vooral opvalt in ‘Waarvan wolven dromen’, is Khadra’s vakkundig en doeltreffend gebruik van taal. Met momenten is zijn taal poëtisch, ietwat gezwollen met sluimerend cynisme. Maar evengoed choqueert Khadra met terloopse vermeldingen van begane wreedheden, en met scènes die uit het scenario van een documentaire lijken te komen. Een aanrader.

Oorspronkelijke titel: A Quoi Rêvent Les Loups?
Jaar van publicatie: 1999.