Rebellie van Joseph Roth

Het verhaal van een oorlogsinvalide.

‘Rebellie’ vertelt het verhaal van Andreas Pum, die tijdens de Groote Oorlog een been verloor en een onderscheiding ontving. De oorlogsveteraan krijgt van de regering een vergunning om een draaiorgel te mogen bespelen. Tijdens zijn werk als draaiorgelman ontmoet hij de jonge weduwe, Katharina Blumich, wiens man net gestorven is. Het duurt niet lang of Andreas en Katharina zijn getrouwd. Lang kan Andreas niet profiteren van zijn geluk. Hij kruist namelijk het pad van de heer Arnold, en voor hij het wel en goed beseft belandt hij in de gevangenis. Na een verblijf van zes weken in de gevangenis heeft Andreas een ware metamorfose ondergaan.

In ‘Rebellie’ vertelt Roth het verhaal van een gewone godvrezende man die alle vertrouwen heeft in zijn regering, maar die bedrogen uitkomt. En die tot het besef komt dat hij geknecht is. Joseph Roth was aanvankelijk het communisme genegen. Na een reis naar de Sovjet-Unie in 1926 stapte Roth grotendeels af van zijn linkse ideeën.

‘Rebellie’ is echter in zijn rode periode geschreven. Andreas Pum moet aanvankelijk niets weten van, onder meer de bolsjewieken of heidenen zoals hij ze zelf noemt, maar na zijn tijd in de gevangenis krijgt hij sympathie voor de heidenen. De bolsjewiek wordt in één adem vernoemd met misdadigers en ander uitschot, wat een verrassende inkijk geeft in de tijdsgeest na de Eerste Wereldoorlog.

Wat opvalt is de licht ironische stijl en de vrij stereotiepe karakters, die voor bepaalde waarden staan. Waarden als stiptheid, consequent zijn en zin voor orde, waardoor de gehele Duitse maatschappij een spiegel wordt voorgehouden. Een spiegel, die door de verwijzingen naar het staatsidee iets visionair heeft. Het is amper te bevatten dat ‘Rebellie’ in 1924 werd geschreven.

Oorspronkelijke titel: Die Rebellion: ein Roman.
Datum van publicatie: 1924.

De groeve van Damon Galgut

Man op de vlucht.

Een man loopt langs de weg. Hij is op de vlucht. Hij wordt opgepikt door Frans Niemand, een dominee op weg naar een nieuwe congregatie in een township. Wanneer de dominee suggereert dat de man een ontsnapte gevangene is en hem probeert over te halen tot seks, bekoopt hij het met de dood. Onze man neemt Niemands identiteit over en gooit zijn lijk in een groeve.

Aangekomen in de township slaat hij de raad in de wind om zijn auto leeg te maken. De volgende dag is de auto leeggeroofd. Het spoor leidt naar twee broers, die de groeve, waar de man de dominee in smeet, gebruiken voor de kweek van drugs. Het duurt dan ook niet lang vooraleer Niemands lijk wordt gevonden. De eerste taak van de nieuwe dominee is het regelen van de begrafenis van de man wiens identiteit hij stal. De twee broers, Valentine en Small hebben hun twijfels over de nieuwe dominee, omdat ze vermoeden dat hij in de groeve is geweest. Ook de inspecteur van de township herinnert zich vaag dat hij de man al eens eerder zag.

Op Goodreads wordt ‘De groeve’ omschreven als een parabel. Zo moet je het inderdaad ook lezen: als een gelijkenis om een idee te illustreren. Je komt nooit de naam van onze man te weten noch wat hij gedaan heeft of wat hem drijft. De thema’s van het boek hangen nauw samen met het begrip, groeve. In het Engels is ‘a quarry’ ook iets of iemand die opgejaagd wordt. En laat dit nu ook een thema zijn in ‘De groeve’: de jager en het opgejaagde, de strijd om vrijheid. Niet enkel onze man, maar ook de twee broers, willen vrij zijn. Het geïllustreerde idee is uiteraard de Zuid-Afrikaanse gemeenschap waarin ze leven.

‘De groeve’ is geen makkelijk boek. Bovendien maakt Galgut het de lezer niet makkelijk door de korte haast afgekapte zinnen en de afstand ten opzichte van zijn naamloze fictieve held. Toch blijf je lezen, hoewel je vaak terug moet bladeren. Door zijn vorm, zijn surrealistisch karakter en de eigen invulling door de lezer is ‘De groeve’ niet voor iedereen. Ik vond ‘De groeve’ geslaagd, maar verkies ‘De goede arts‘, een roman van Galgut die ik vorig jaar las. Niettemin vind ik het wel interessant dat een schrijver durft experimenteren en iets totaal anders schrijft.

Oorspronkelijke titel: The Quarry
Jaar van uitgave: 1995