Onsterfelijke Bradbury

Volgens Steven Spielberg is Ray Bradbury (1920-2012) in de wereld van sciencefiction en fantasy onsterfelijk. De auteur dacht eerst aan een carrière als goochelaar, tot kermisartiest Mr Electro zijn pad kruiste. Mr Electro had zijn neus aangeraakt met een zwaard en hem opgedragen eeuwig te leven. Dat zag de toen elfjarige Bradbury wel zitten. Vanaf dan schreef hij zichzelf de onsterfelijkheid in. De komende zeven decennia schreef hij dagelijks. In het laatste decennium van zijn leven schreven zijn dochters uit wat hij hen dagelijks dicteerde. Zo verscheen een week voor zijn overleden in juni 2012 nog een essay van Bradbury in de New York Times.

Tienerschrijver.

Zijn vrouw, Marguerite Susan McClure had hij overigens in een boekwinkel in Los Angeles leren kennen. Zij was de eerste vrouw die de toen zesentwintige jarige schrijver uitvroeg. En allicht ook de eerste, die graag naar zijn verhalen luisterde. Echt populair was tienerschrijver Bradbury niet bij de meisjes. Met verhalen voorlezen wist hij hun hart niet te veroveren. In tegenstelling tot zijn leeftijdgenoten, haatte Bradbury party’s, want hij danste niet. Toch ging hij er naar toe, zocht naar eigen zeggen een typemachine, en zette zich neer om verhalen te schrijven. Zo deed hij toch iets nuttig met zijn tijd.

Als hij niet schreef, zat hij met zijn neus in een boek Als kind bracht hij veel tijd door in de bibliotheek van zijn geboorteplaats Waukegan in Illionois. Ook de bibliotheek in Los Angeles kreeg de jonge Bradbury vaak over de vloer. Hoger onderwijs kon Bradbury wegens de Grote Depressie niet volgen. Zijn stiel leerde hij dan ook niet van literatuurprofessoren, maar van H.G. Wells, Jules Verne, Ernest Hemingway, Edgar Rice Burroughs en Edgar Allan Poe. Vooral Poe was zijn grote voorbeeld.

Ontsproten uit zijn fantasie.

Zijn passie voor boeken vond literaire expressie in zijn dystopische roman ‘Fahrenheit 451′, dat zich in de vierentwintigste eeuw afspeelt. De toekomst was nooit ver weg in Bradbury’s werk, wat te danken was aan zijn jeugdhelden Buck Rogers en Flash Gordon. Hoewel hij vooral gekend is als sciencefictionschrijver, zag hij zichzelf niet als een schrijver van sciencefiction, maar van fantasy. Zijn verhalen ontsproten immers uit zijn fantasie en niet uit de werkelijkheid of iets wat in de toekomst werkelijkheid kan worden, zoals dat in sciencefiction gebruikelijk is. In totaal schreef Bradbury meer dan dertig boeken en zeshonderd kortverhalen. Uit zijn typemachine kwamen naast essays, romans en kortverhalen ook gedichten en scenario’s voor filmen en feuilletons.

Bron: Wikipedia, Biography, Npr, New York Times en The Guardian

Het verborgen leven van Eurídice Gusmão van Martha Batalha

Rio de Janeiro, de jaren dertig van de vorige eeuw. De Portugese Seu Manuel verdiende meer dan voldoende om zijn gezin te onderhouden. Hij gunde zich de luxe om zijn dochters, Eurídice en Guida buitenschoolse activiteiten te laten doen. Guida koos voor Frans. Eurídice wilde blokfluit leren spelen. Voor het einde van de eerste maand haakte Guida al af. Eurídice vroeg om twee lessen per week te krijgen. Omdat zij talent had, kreeg ze de kans om naar het conservatorium te gaan. Haar ouders zeiden neen. De lessen blokfluit waren voor hen een middel om hun dochters vaardigheden te verruimen. Zo had ze meer kans op een goede huwelijkskandidaat.

Tien jaar later is Eurídice goed getrouwd en moeder van twee kinderen. Haar man Antenor heeft een belangrijke positie bij de bank. Na zich passioneel te hebben overgegeven aan koken en bakken had ze een nieuwe hobby gevonden: kleren naaien. Haar hobby liep echter uit de hand. Zij begon kleren te maken voor andere vrouwen. Tot haar man er achter kwam en haar verbood een naaiatelier in hun huis te beheren. Een vrouw behoort immers niet te werken. Zij heeft het huishouden en de zorg voor de kinderen. Wat hij echter vergeet is dat het huishouden gedaan wordt door een inwoonde huisbediende. Dus is Eurídice veroordeeld tot lange dagen op haar zetel zitten. Maar dan komt haar zus Guida terug in haar leven.

Twee zusters, twee verschillende soorten levens. Zo kan je grofweg ‘Het verborgen leven van Eurídice Gusmão’ omschrijven. Daarnaast zijn er nog andere vrouwenlevens verweven in Batalha’s debuut, wat tot amusante anekdotes leidt maar niet altijd bijdraagt tot het verhaal van de twee zussen, maar enkel tot de algemene sfeer van harde vrouwenlevens. De familieachtergrond van de mannen in het leven van de zussen wordt ook belicht. Zo kom je te weten waarom Eurídices man een huisvrouwtje wil. Het is voorspelbaar, want de reden is Anetors moeder, die niet geschikt was voor een leven als huisvrouw.

Batalha beschrijft het leven van de twee ondernemende zussen en hun kleurrijke omgeving met humor. Net als het gegeven van de alleswetende vertelster werkt die humor niet altijd. Het verhaal heeft een behoorlijk tempo, wat maakt dat je dit boek snel kan lezen. En ook snel weer vergeet.

Oorspronkelijke titel: A Vida Invisível de Eurídice Gusmão.
Jaar van publicatie: 2016.

De nacht in Lissabon van Erich Maria Remarque

In 1942 was de kust van Portugal het laatste toevlucht geworden voor vluchtelingen. Die vluchtelingen hoopten vanuit Portugal Amerika te bereiken. Wie niet kon inschepen voor Amerika was verloren. Visa, werk- en verblijfsvergunningen waren voor de meeste evenwel onbereikbaar. De anonieme ik-verteller was dan ook stomverbaasd toen hij ’s nachts op de kade, waar de schepen naar Amerika liggen, aangesproken werd door een vreemdeling. De vreemdeling bood hem twee tickets, paspoorten en visa aan. Het aanbod kwam met een voorwaarde. De vreemdeling wou iemand die naar zijn verhaal luisterde. Schoorvoetend stemde de verteller in.

Joseph Schwarz was zijn naam. Het was niet zijn echte naam, maar de naam die op zijn gekregen en vervalst paspoort stond. In 1933 was de man Duitsland al ontvlucht. De reden kwam de verteller niet te weten, maar het was hoogstwaarschijnlijk omwille van politieke redenen. De nationaalsocialisten hadden het niet begrepen op communisten en pacifisten. Uit het summiere wat Joseph Schwarz vertelde was hij waarschijnlijk een pacifist.

Na vier jaar ballingschap in Oostenrijk en Frankrijk ging Schwarz terug naar Duitsland. Hij wou zijn echtgenote Helen zien en afscheid nemen. Helen nam die gelegenheid ten baat om mee te gaan met haar man. Zij had het gehad met haar familie en haar vaderland. Maar haar broer Georg, een nazi-kopstuk, wist hen steeds te vinden doorheen hun vreemde en spannende tocht door Zwitserland en Frankrijk. Naast die lange arm van Georg dreigde arrestatie door de lokale politie of de Gestapo. Uiteindelijk kwamen ze terecht in Lissabon. Toen Schwarz de verteller ontmoette op de kade, was Helen net dood. Hun relatie – zo bleek uit zijn relaas – was in vele opzichten opmerkelijk.

Remarque had zelf ook een opmerkelijk liefdesleven. Zo scheidde hij in 1930 van zijn eerste vrouw, de actrice-danseres Jutta Ilse Zambona. Remarque had het moeilijk met haar ontrouw. In 1938 hertrouwden ze. Zo kon Jutta ook weg uit Duitsland. Voor de nationaalsocialisten was Remarque sinds 1929 persona non grata. Zijn realistische anti-oorlogsroman ‘Im Westen nichts Neues’ (Van het Westelijk Front geen nieuws) werd beschouwd als geschiedvervalsing. De dag na de benoeming van Adolf Hitler tot rijkskanselier verliet Remarque Duitsland voorgoed. Hij had het al eerder gezien: een Duitsland dat zich opmaakte voor de oorlog. Bovendien dwong de nazi-terreur veel mensen in de emigratie, waar ‘De nacht van Lissabon’ over getuigt. De oorlog en de terreur wordt scherp en diepzinnig veroordeeld. Hopelijk volgt er nog ander werk van Remarque in vertaling, want ‘De nacht in Lissabon’ smaakte naar meer.

“Het was de eeuwige scène van de mensheid – de knechten van het geweld, het slachtoffer en de eeuwige derde, de toeschouwer, die zijn handen niet opheft en het slachtoffer niet verdedigt en niet probeert het te bevrijden, omdat hij bang is voor zijn eigen veiligheid en wiens eigen veiligheid juist daardoor altijd in gevaar is.”

Meer lezen over Erich Maria Remarque of die periode in de geschiedenis? Lees dan mijn blogs Het ultieme anti-oorlogsboek en Verboden en ongewenste schrijvers.

Oorspronkelijke titel: Die Nacht von Lissabon.
Datum van publicatie: 1962.
Uitgeverij Cossee. Vertaald door Frederique van Schouwen.