Paasparade van Richard Yates

recensie (2) (1)

Zo de oude zongen zo piepen de jonge.

Al bij de openingszin weet je dat ‘Paasparade’ geen vrolijk boek gaat zijn. Maar een boek over de misère van de zusjes Grimes.

“Geen van beide zusjes Grimes zou in het leven gelukkig worden en als ze erop terugkeken leek het altijd of de narigheid met de scheiding van hun ouders was begonnen.”

Enkel in de tijd van de paasparade in 1940 wenkte de Amerikaanse droom even voor de zusjes Grimes. Beide werkten toen als vrijwilliger voor een Republikeinse presidentskandidaat. De oudste en de mooiste van de twee, Sarah moest zich nabij Central Park laten fotograferen in een chique jurk. Zij had haar verloofde Tony meegenomen. Die had voor de gelegenheid een smoking aangetrokken. De foto van Sarah en Tony met achter hen het Plaza Hotel werd als een schat gekoesterd.

De meisjes hadden geen leuke jeugd gehad. Hun vader, Walter Grimes, zagen ze maar een paar keer per jaar. Omdat hun moeder altijd in betere buurten wou wonen, maar niet de huishuur kon opbrengen, verhuisden ze regelmatig. Hun moeder moesten ze met Pookie aanspreken. Pookie streefde bij het opvoeden van haar dochters naar het gedrag en de manieren van de betere klasse. Die hadden volgens haar meer ‘flair’.

In ‘Paasparade’ wordt vooral het verhaal van de jongste dochter Emily verteld. Zijdelings kom je ook te weten hoe het Walter, Pookie en Sarah vergaat. Je volgt Emily’s leven van haar vijfde tot aan haar vijftigste, tot ze een afgeleefde en verwarde vrouw is. Net als haar zus heeft ze het slechte voorbeeld van hun ouders gevolgd. 

‘Paasparade’ is een vrij dunne roman, die vlot leest. Dit komt vooral door de eenvoudige en onopgesmukte taal van Richard Yates (1926-1992). Wat een schrijver was die Yates trouwens! In een zin wist hij een hele situatie meesterlijk neer te zetten. Hij is dan ook een van de grootste naoorlogse Amerikaanse schrijvers. 

Easter Parade, 1976.

Boven de waterval van Ron Rash

recensie (2) (1)

Het leven zoals het is.

Sinds kort verschijnt Les pas halverwege de ochtend op het bureau. Zo went zijn opvolger alvast aan het leiden van het bureau op zijn eentje. Binnen drie weken zit Les’ loopbaan bij de politie erop. Hij gaat met pensioen. Voor hij met pensioen gaat, moet hij nog een drugsinval doen en een zaak rond dode vissen in het nabijgelegen resort oplossen.

Het mysterie van de dode vissen lijkt aanvankelijk eenvoudig. Op de camerabeelden is de oude Gerald te zien. Er zijn al langer problemen tussen Gerald en de eigenaar van het resort, Harold Tucker. Volgen Tucker stroopt Gerald vissen. Wat de dode forellen betreft, is Gerald formeel: hij heeft er niets mee te maken. Parkwachter Becky, die goed bevriend is met Gerald, gelooft in zijn onschuld. Les is niet zo zeker van Geralds onschuld, wat zijn band met Becky op de proef stelt.

In de twee jaar dat Les en Becky elkaar kennen, hadden ze een paar afspraken gehad en een paar kussen gewisseld. Op een avond was het bijna meer geworden. Maar het water tussen hen is veel te diep.

“Maar door het late uur en de lege wijnfles ontstond het gevoel dat we te veel hadden onthuld, iets in onszelf geweld hadden aangedaan, precies datgene wat ons aanvankelijk tot elkaar had aangetrokken. Dus daar hadden we het een half jaar bij gelaten.” 

In tegenstelling tot ‘De fluitspeler‘ en ‘Serena‘ geeft Rash voor een keer eens een hedendaags beeld van het leven, zoals het is in North Carolina. En er loopt behoorlijk wat mis in dat leven. Je krijgt als lezer vooral een beeld van de problematieken waarmee Les als ordehandhaver te maken krijgt. Net als Les en zijn opvolger Jarvis kan je enkel beamen dat de politie in het door crystal meth geteisterd district een klotejob heeft.

Voor het vertellen van zijn verhaal koos Rash voor twee ik-perspectieven: het perspectief van Les en het perspectief van Becky. Bijzonder is dat Rash voor elk perspectief een andere stijl hanteert. Becky’s perspectief is heel fragmentarisch en poëtisch, terwijl Les’ perspectief duidelijk en nuchter is. Met Becky brengt Rash een ode aan de natuur. De natuur is voor Becky een manier om met haar verleden om te gaan, terwijl een ander personage in het verhaal er alles aan doet om van diezelfde plek weg te raken. Door de wisselende perspectieven kom je meer te weten over Les en Becky, en begin je te begrijpen waarom het water zo diep is tussen hen beide. Het visincident zal hen hoogstwaarschijnlijk dichter bij elkaar brengen.

Above the Waterfall, 2015

De verkoper van Joseph O’Connor

recensie (2) (1)

Bekentenis van een verkoper.

Dublin, 1994. Billy Sweeneys wereld is ingestort. Bij een gewelddadige overval is zijn jongste dochter Maeve ongelukkig ten val gekomen. Maeve wordt nu in een kunstmatige coma gehouden. De kans dat ze ooit ontwaakt is klein. Maar een verkoper moet hoop hebben, houdt Billy zichzelf voor.

Billy begint met een dagboek, waarin hij een aantal dingen voor zijn dochter opschrijft. Dingen over zijn huwelijk met Grace. Dingen waarover hij nooit met Maeve heeft gesproken. En dingen die gebeurd zijn nadat hij besloten had om het recht in eigen handen te nemen. Een van de overvallers wist immers te ontsnappen en ontliep zijn straf.

Toeval wil, dat hij die man, Donal Quinn op een avond tegenkomt. Maar hij raakt zijn spoor kwijt. Toch geeft Billy niet op. Hij blijft zoeken naar Quinn, terwijl hij de perfecte moord beraamt. Zijn wraaktocht brengt hem zelfs naar de onderbuik van Dublin. Als hij Quinn te grazen neemt, lopen de dingen anders dan gepland.

“Lieveling, als ik in mijn dagboek die laatste, vreselijke maanden van vorig jaar opsla, lees ik weer dat ik Donal Quinn voor het eerst heb gezien op die ochtend in oktober in zaal 29 van de Four Courts, waar het stonk naar schimmel en oude, stoffige, in leer gebonden boeken.”

Eigenlijk zijn de dingen niet wat ze lijken te zijn in deze roman. O’Connor schotelt je een merkwaardig verhaal voor, dat meermaals verrast. Afgaande op de korte inhoud lijkt ‘De verkoper’ een thriller over een man die wraak wil nemen op een van de overvallers van zijn jongste dochter. Maar ‘De verkoper’ is vooral een melancholische biecht van een man, die het grootste deel van zijn leven meer dronk dan goed voor hem was, en die voor de liefde op de vlucht ging. Wanneer hij Quinn ontvoert, begint hij terug te drinken. Maar als de rollen worden omgedraaid en Quinn hem weet te overmeesteren, is hij ineens weer nuchter. Quinn weet zijn voordeel te doen met zijn ontvoering, wat tot schitterende situaties en schelmse dialogen leidt.

Kortom: ‘De verkoper’ verrast, boeit, ontroert en laat je lachen.

The Salesman, 1998