Eeuwige liefde voor Maurice

Voor Valentijn schreef ik ‘Werthers liefde voor Lotte’. Vandaag op de internationale dag tegen de homofobie sta ik stil bij ‘Maurice’ van de Engelse schrijver Edward Morgan Forster. ‘Maurice’ vertelt het verhaal van een man op zoek naar zijn emotionele en seksuele identiteit in het begin van de twintigste eeuw in een maatschappij, die relaties tussen mensen van hetzelfde geslacht verbiedt. Hoewel Foster ‘Maurice’ in 1913 schreef werd het pas een jaar na zijn dood gepubliceerd.

Inspiratie voor Maurice.

Na het succes van ‘Howards End’ in 1910 zat Forster creatief vast. Nieuwe manuscripten werden begonnen maar bleven in een beginfase steken, tot hij de inspiratie kreeg voor ‘Maurice’ na een bezoek aan Edward Carpenter en zijn partner George Merrill. Het verhaal vloeide als vanzelf uit Forsters pen. Het was onvermijdelijk dat de schrijver iets schreef dat aansloot bij zijn eigen belevingswereld. In zekere zin had hij de bevestiging nodig dat er niets mis was met homoseksuele liefde. Als er al sprake was van perversiteit dan was het de maatschappij zelf die persvers was in het ontkennen van gevoelens tussen mensen van hetzelfde geslacht.

“A happy ending was imperative for Maurice. I was determined that in fiction anyway two men should fall in love and remain in it for ever and ever that fiction allows.”

Niet volgens de geest van die tijd.

Maurice Hall beseft als veertienjarige tijdens een les seksuele opvoeding dat hij anders is. In Cambridge leert hij Clive Durham kennen. Clive en Maurice hebben een intense platonische relatie, die drie jaar duurt. Dan laat Clive Maurice weten dat hij gaat trouwen. Maurice gaat door een hel, maar vindt uiteindelijk de liefde in de armen van Alec Scudder, de jachtopziener van Clive. Maurice en Alec kiezen voor elkaar en hun relatie, net als Edward Carpenter en George Merrill. Het gelukkig einde maakte het boek ongeschikt voor publicatie. Als Forster Maurice of Alec gestraft had voor hun misdaad – het bedrijven van de liefde – met gevangenisstraf, ophanging of zelfmoord, dan was dit in de geest van de tijd aanvaardbaar geweest. In plaats daarvan laat hij hen voor een tweede keer naar bed gaan, en geeft hij hen eeuwige liefde en geluk.

Voor hij met Alec verdwijnt naar een liefdesnest op het Engelse platteland, brengt Maurice een laatste bezoek aan Clive, die geschokt reageert op het nieuws.

” – I can’t hang about whining forever – and he is mine in a way that shocks you, but why don’t you stop being shocked, and attend to your own happiness?” 

Homoseksuele versie van ‘Lady Chatterley’s lover’.

Forster droeg ‘Maurice’ op aan ‘a Happier Year’. Dit gelukkig jaar maakte Forster nog zelf mee, want homoseksualiteit werd in 1967 uit het Engelse strafwetboek geschrapt. Hij ondernam de nodige voorbereidingen om ‘Maurice’ na zijn dood te laten publiceren, was bezorgd dat het manuscript gedateerd was, omdat ‘Maurice’ afspeelt in een Engeland dat intussen niet meer bestond. De emotionele en persoonlijke groei die Maurice doormaakt, is echter na meer dan honderd jaar nog steeds herkenbaar voor holebi’s.

Bij de publicatie in 1971 werd ‘Maurice’ door recensenten afgedaan als een homoseksuele versie van DH Lawrence’s ‘Lady Chatterley’s lover’. Lawrence had zich echter laten inspireren door ‘Maurice’. Forster had namelijk zijn manuscript laten lezen door zorgvuldig uitgezochte vrienden en vriendinnen, veelal collega-schrijvers, waaronder dus DH Lawrence. Hoewel Forster geen geheim maakte van zijn seksualiteit was het publiekelijk niet geweten. Het werd hem door de publieke opinie dan ook kwalijk genomen.

Bron: Wikipedia, Introductie Penguineditie ‘Maurice’ uit 1972 door PN Furbank en glbtq.com. De trailer komt van Youtube, van Movieclip Trailers

Bob de straatkat van James Bowen

Hartverwarmend.

Je moet het maar doen: meer dan een miljoen exemplaren van je boek verkopen in het Verenigd Koninkrijk. James Bowen vervoegt hiermee een eliteclub van schrijvers als JK Rowling, EL James, Dan Brown en Stephenie Meyer. En dit met een verhaal over hoe een kat zijn leven veranderde. Ook in het buitenland weet de rosse Londense kater de lezersharten te veroveren, want ‘Bob de straatkat’ is intussen al in meer dan 35 talen vertaald. Naast ‘Bob de straatkat’ zijn er nog twee andere boeken in de Bobsaga: ‘De wereld volgens Bob’ en ‘Het kerstfeest van Bob’. Ook werden er kinderedities van het oorspronkelijk verhaal gemaakt en een plaatjesboek over Bobs leven voor hij bij James kwam.

James Bowen leefde in een beschutte woonomgeving en zat in een afkickprogramma als hij op een dag een gewonde kat vond. Omdat James amper voor zichzelf kon zorgen zag hij het niet zitten om de verantwoordelijkheid op zich te nemen voor een dier. Na een paar dagen kon hij het niet meer over zijn hart verkrijgen om langs de kat te lopen en hem aan zijn lot over te laten. Hij ging met de kat naar een dierenarts, die antibiotica voorschreef. Voor de duur van de kuur nam hij het dier in huis terwijl hij zocht naar de eigenaar. Na twee weken liet hij de kat op straat los in de hoop dat deze terug naar huis zou keren, maar dat was buiten de kat gerekend.

‘Bob de straatkat’ is geen grote literatuur, maar wel hartverwarmend. Voor mij is het meer dan zomaar een verhaal over een man die zijn leven terug op de rails krijgt door te zorgen voor een dier. Het is een verhaal over verantwoordelijkheid voor het leven nemen en kansen grijpen. Ik ben er echter zeker van dat James’ verhaal bij iedereen andere gevoelens en emoties zal oproepen. Dus als je ‘Bob de straatkat’ nog niet gelezen hebt, zeker doen.

Vorig jaar verscheen overigens een editie van The Big Issue met Bob op de voorpagina, die naast een interview ook getuigenissen bracht over Big Issue verkopers en hun huisdieren. James Bowen is nu één van de belangrijkste ambassadeurs van The Big Issue. Via deze link kan je zien waar The Big Issue juist voor staat, en waarom het interessant kan zijn om een exemplaar te kopen bij een volgend bezoek aan een stad in het Verenigd Koninkrijk.

Oorspronkelijke titel: A Street Cat Named Bob
Jaar van publicatie: 2012

Fictieve held: Sherlock Holmes

Umberto via Unsplash

De meeste literaire helden schitteren enkel op papier. Sommige, zoals Sir Arthur Conan Doyles Sherlock Holmes, vinden hun weg naar andere cultuuruitingen.

Wie heeft er nog nooit van 221B Baker Street gehoord? Volgens de verhalen van Sir Arthur Conan Doyle woonden Sherlock Holmes en dokter Watson hier van 1881 tot 1904. Vandaag huisvest 221B Baker Street een museum gewijd aan de beroemde detective en zijn avonturen.

In zijn eerste literaire avontuur in 1887 ‘A study in scarlet’ is Holmes op zoek naar een medehuurder  voor Baker Street, omdat hij de huur alleen niet kan opbrengen. Hij vindt een medehuurder in dokter John Watson, die net terug is uit Afghanistan. Watson zal Holmes 17 jaar lang assisteren. Nadien werkt Holmes nog 6 jaar alleen verder, vooraleer hij op pensioen gaat en bijen houdt. Intussen was de detective al gestorven en terug verrezen uit de dood.

Van dood naar springlevend.

In 1893 had zijn geestelijke vader hem namelijk laten sterven in ‘The final problem’. Eigenlijk was Doyle al in 1891 van plan Holmes af te voeren, omdat hij te veel tijd stak in zijn avonturen. Doyle wou die tijd liever besteden aan het schrijven van historische romans. Door de aanhoudende druk van de fans verscheen in 1901 ‘The hound of the Baskervilles’ dat Doyle voor Holmes’ dood situeerde. In 1903 dook Holmes weer springlevend op in het kortverhaal ‘The adventure of the empty house’, dat Doyle situeerde in 1896. Blijkbaar had Holmes zijn dood in scene gezet en had hij 3 jaar geleefd in Tibet.

In totaal schreef Sir Arthur Conan Doyle vier romans en 56 kortverhalen met Holmes in de hoofdrol. Daarnaast is Holmes door vele andere schrijvers gebruikt als personage. Ook acteerde hij tot nu toe in ongeveer 200 films, wat hem tot de meest verfilmde fictieve held ooit maakt.

Strand magazine Vol iv.1892. Page page 646. illustration The Adventure of the Silver Blaze- “Holmes gave me a sketch of the events” Alex Werner Private Collection.

Bron: Wikipedia en de website van The Sherlock Holmes Museum.
Bron beeld: Wikimedia Commons. Copyright Sidney Paget.