Zinnespel van Barry Unsworth

Theatergezelschap speelt een moord na.

Plaats van handeling in ‘Zinnespel’ is het Engeland van de veertiende eeuw. De 23-jarige priester-geleerde Nicolas Barber is op de vlucht en sluit zich aan bij een rondtrekkend theatergezelschap. Nicolas leert de knepen van het vak en kan die al snel toepassen wanneer het gezelschap een stad aandoet. De opvoering van hun zinnespel, de val van Adam, kent weinig bijval. Martin, de leider van het gezelschap heeft een idee en kan de andere overhalen om iets totaal nieuw te doen. Maar is het wel zo’n goed idee, om de moord die pas gebeurd is in de stad waar ze verblijven, na te spelen in een moraliteit?

‘Zinnespel’ is een intelligente doch speelse roman, die draait rond het idee dat iedereen een acteur is. Niets is wat het lijkt, maar de ware toedracht komt uiteindelijk aan het licht. Die toedracht is best extreem, maar geloofwaardig. Zoals gebruikelijk bij Unsworth komt het verhaal ietwat aarzelend op gang. Unsworth had de gave om een overtuigd beeld neer te zetten van plaats, tijd en onderwerp zonder didactisch of belerend over te komen. ‘Zinnespel’ is dan ook geen verhaal dat zich toevallig in de middeleeuwen afspeelt met middeleeuwse karikaturen, maar een verhaal met karakters die middeleeuws zijn in woord en daad. Naast het boeiende historisch fictief aspect is er ook het verhaal zelf, dat meeslepend is, en iets heeft van gelegenheidsspeurwerk. Een aanrader.

Oorspronkelijke titel: Morality Play.
Jaar van publicatie: 1995.
In het Nederlands vertaald door Mireille Vroege.

Ivanhoe van Sir Walter Scott

Typische roman uit de Romantiek.

Het historisch decor in ‘Ivanhoe’ is het Engeland van de twaalfde eeuw, om precies te zijn 1194, vlak na de derde kruistocht. Ivanhoe, een Saks, is door zijn vader onterfd, vanwege zijn vriendschap met de Normandische koning Richard I, beter gekend als Richard Leeuwenhart, koning van Engeland. Aanvankelijk gaat de identiteit van Ivanhoe schuil achter een vermomming, die pas onthuld wordt als hij het riddertoernooi bij Ashby wint. Helaas raakt hij ook zwaar gewond. Vanaf dat moment verdwijnt Ivanhoe grotendeels op de achtergrond en treedt een geheimzinnige zwarte ridder op de voorgrond.

Naast de zwarte ridder met het beenkluister zijn er nog een rist aan personages, zoals Robin van Locksley, Isaak de jood en zijn dochter Rebekka, Cedric de Sakser, Athelstane, Wamba de nar, Gurth de zwijnenhoeder, prins Jan, tempelridder Brian de Bois-Guilbert. Van elk personage krijg je overigens een volledige handleiding met betrekking tot diens uiterlijk, etniciteit en inborst. Het fijne aan zo’n kant-en-klare handleiding is de voorspelbaarheid. Ik kon halverwege het verhaal de reacties voorspellen bij de verschillende karakters, wat het verhaal iets grappigs gaf. De personages zijn zwart-wit, hoewel Scott bij de romantische weergave van koning Richard Leeuwenhart toch wel de nodige kritische kanttekeningen wist te plaatsen. De koning was dapper, vandaar ook zijn naam ‘Leeuwenhart’, maar was meer een dolende roekeloze ridder en krijgsman dan een vorst. Regeren was niet besteed aan Richard Leeuwenhart. Tijdens zijn tienjarig bewind als koning van Engeland was hij welgeteld zes maanden in Engeland, de overige tijd vocht hij in het buitenland.

De roman is opgebouwd rond verschillende tegenstellingen, waarvan de belangrijkste de tegenstelling Saks – Normandiër is. Feit was wel dat in 1194 de Saksen en Normandiërs volledig geassimileerd waren. Op dit punt nam de Schotse schrijver een loopje met de werkelijkheid. Kenners denken dat Scott kritiek gaf op het Schotse nationalisme dat in zijn tijd opgang maakte. De trouw van Ivanhoe aan zijn vorst werd dan ook beloond. Zijn vader en de andere edelen erkenden Richard als koning. De Saksen en Normandiërs kregen het koninklijk bevel om zich te gedragen als Engelsen.

Ik las ‘Ivanhoe’ trouwens in de integrale vertaling van Harm Dansma en Niek Miedema. Het was wennen aan het modern archaïserend Nederlands. Ridders rijden op telgangers of hakkeneien en binnenplaatsen van burchten worden opgeluisterd door joculators en potsenmakers. Dit droeg zeker bij tot de authenticiteit en sfeer. Minder aangenaam waren de overdreven retorische dialogen, hoewel dit grotendeels werd goedgemaakt door de dramatische acties en de vanzelfsprekende spannende, doch gedoseerde manier waarop Scott zijn verhaal wist te vertellen. Het was dan ook met enige spijt in het hart dat ik afscheid nam van ‘Ivanhoe’.

Jaar van publicatie: 1819.

Danielles leeswereld: audioboeken

Foto door Stas Knop op Pexels.com

Audioboeken

Naast papieren en digitale boeken luister ik ook naar audioboeken. Ik leerde audioboeken kennen via Duitse pennenvrienden tijdens mijn avondcursus Duits. Mijn eerste Duitse audioboeken waren kinderenboeken, maar ik kon al snel overschakelen naar boeken voor volwassenen. Naast Duitse luister ik ook naar Engelse audioboeken. Mits ik niet vaak televisie kijk, blijven audioboeken voor mij in eerste instantie de beste manier om een vreemde taal te horen. Ik luister meestal naar de integrale versie van een boek, soms naar een ingekorte versie of een hoorspel.

Luisteren naar een anderstalig boek gaat voor mij overigens sneller dan lezen. Bovendien verlagen audioboeken vaak ook een drempel. Uiteindelijk worden romans niet zomaar ingelezen en kan een verteller een boek naar een andere dimensie brengen. Zo luisterde ik, dankzij Jeremy Irons, geboeid naar Evelyn Waughs ‘Terugkeer naar Brideshead’. Een boek dat ik allicht in een papieren versie iets minder boeiend gevonden zou hebben of zelfs nooit zou gelezen hebben. Elk romanpersonage kreeg van Jeremy Irons een eigen stem en persoonlijkheid.

Als een verteller elk romanpersonage een eigen stem geeft, is dat verdomd handig voor iemand met een auditief geheugen. Ik weet immers direct welk personage hoort bij een bepaalde stem. Dit was heel handig bij ‘The woodcutter’ van Reginald Hill. Een boek dat ik allicht op basis van synopsis niet zou gekozen hebben, maar koos op basis van de verteller, Jonathan Keeble. Meestal zoek ik bij Audible op verteller. Zo heb ik momenteel ‘De verzamelaar’ van John Fowles in mijn verlanglijstje bij Audible staan, omdat ik via ‘Leven en liefde’ van Charlotte Brontë gevallen ben voor de stem van James Wilby.

Een goed verteller is bij een audioboek onontbeerlijk, maar zelfs de beste verteller kan niets veranderen aan een saai of slecht geschreven boek. Dus miskopen zijn niet uit te sluiten. Gelukkig geeft Audible de ruimte om boeken uit te proberen. Als een boek me niet bevalt, kan ik het binnen een jaar gewoon omruilen.

Alleszins vind ik het fijn om tussen verschillende manieren of belevingen van lezen te kiezen, want zowel audioboeken, papieren en digitale versies hebben hun eigen charmes. Zo kan ik tijdens het luisteren naar een boek nog andere dingen doen: breien, haken, patience spelen, pinnen via Pinterest, een sudoku oplossen.